Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.8

Artikel 1.8.4

Toepassen van PFAS-houdende grond

Onderdeel van Nota bodembeheer Deelnemende gemeenten Omgevingsdienst IJmond

De lokale maximale waarden PFAS gelden uitsluitend voor grondverzet binnen het gestelde beheergebied. Met deze LMW wordt invulling gegeven aan het “stand-still” beginsel uit het Besluit bodemkwaliteit. De belasting van PFAS-houdende grond binnen het eigen beheergebied blijft gelijk. Het opnieuw toepassen van grond afkomstig uit het beheergebied is mogelijk onder de volgende voorwaarden: De eigen bestuurlijk vastgestelde bodemkwaliteitskaart voor PFAS-verbindingen kan als bewijs dienen voor de kwaliteit van de toe te passen partij, in combinatie met een historisch onderzoek (overeenkomstig de NEN 5725) waaruit blijkt de ontgravingslocatie niet verdacht is voor het voor komen van PFAS-verbindingen als gevolg van een (bedrijfsmatige) activiteit. Een partijkeuring volgens de eisen die volgen vanuit het Besluit bodemkwaliteit (zie ook Onder voorwaarden een bodemonderzoek volgens de NEN 5740 De gemiddelde PFAS-kwaliteit van de grond afkomstig uit het beheergebied moet voldoen aan de Lokale Maximale Waarden die zijn benoemd de voorgaande paragrafen. De gemiddelde PFAS-kwaliteit van de grond buiten het eigen beheergebied moet voldoen aan de normen uit het Handelingskader PFAS, ofwel de maximale waarden voor PFAS zodra verankerd in de Regeling bodemkwaliteit en/of het Besluit activiteiten leefomgeving. Grondverzet tussen regio Zaanstreek-Waterland en Zuid-Kennemerland-IJmond De toepassingseisen voor het toepassen van PFAS-houdende grond zijn niet geheel gelijk tussen de regio’s Zaanstreek-Waterland en Zuid-Kennemerland-IJmond. Om deze reden is vrij grondverzet tussen de regio’s m.b.t. PFAS niet in alle gevallen mogelijk. Er is wél vrij grondverzet m.b.t. de stofgroep PFAS mogelijk wanneer de ontgravingslocatie ofwel regio Zaanstreek-Waterland ofwel de ondergrond van regio Zuid-Kennemerland-IJmond is. Deze vrijkomende grond mag in zowel in regio Zaanstreek-Waterland als in regio Zuid-Kennemerland-IJmond worden toegepast in de boven- en ondergrond. Uitsluitend voor vrijkomende grond uit de bovengrond (0,0 - 0,5 m -mv.) van regio Zuid-Kennemerland-IJmond is er géén vrij grondverzet m.b.t. PFAS mogelijk naar regio Zaanstreek-Waterland en naar de ondergrond van regio Zuid-Kennemerland-IJmond. De actuele bodemkwaliteit van de vrijkomende bovengrond uit regio Zuid-Kennemerland-IJmond voldoet name-lijk niet aan de toepassingseisen in regio Zaanstreek-Waterland en van de ondergrond (wegens de hogere achtergrondwaarde van PFOS). Wel is het mogelijk om vrijkomende grond uit de bovengrond opnieuw elders in de bovengrond van regio Zuid-Kennemerland-IJmond toe te passen. De toepassingsmogelijkheden van vrijkomende partijen in de regio’s Zaanstreek-Waterland en Zuid-Kennemerland-IJmond met betrekking tot de stofgroep PFAS zijn weergegeven in de on-derstaande grondstromenmatrix. Tabel 8: Grondstromenmatrix voor de PFAS-houdende grond Overige situaties Voor toepassingen van grond en bagger onder andere omstandigheden dan bovenstaand bedoeld wordt in principe het landelijke beleidskader gevolgd. Het huidige beleid (Handelingskader PFAS, d.d. december 2021) is in tabel 9 samengevat. Voor het verspreiden van baggerspecie uit watergangen op aangrenzende percelen of in een weilanddepot (artikel 35, onder f, Besluit) gelden dezelfde toepassingswaarden als voor andere vormen van toepassen van grond/baggerspecie op de landbodem Tabel 9: Samenvatting toepassingseisen grond en baggerspecie met PFAS conform Handelingskader PFAS Situatie Toepassingswaarde/eis(en) (in μg/kg d.s.) Grond en baggerspecie grootschalig toepassen PFOS = 3 PFOA = 7 Overige PFAS = 3 Grond en baggerspecie toepassen in grondwaterbeschermings- gebieden Gebiedskwaliteit, indien niet bekend 0,1 Verspreiden in hetzelfde oppervlaktewaterlichaam of aansluitende (sediment delende) stroomafwaarts gelegen oppervlaktewaterlichaam Bagger toepasbaar, wel meten en toetsen op uitschieters Toepassen in hetzelfde oppervlaktewaterlichaam in ophogingen in waterbouwkundige constructies, uitgezonderd de diepe plas Bagger toepasbaar, wel meten en toetsen op uitschieters Toepassen in een ander oppervlaktewaterlichaam in ophogingen in waterbouwkundige constructies, uitgezonderd de diepe plas Grond en bagger: Rijkswater: PFAS = 0,8 PFOS = 3,7 Anders: PFAS = 0,8 PFOS = 1,1 Toepassen in niet­vrijliggende diepe plassen die in open verbinding staan net een rijkswater Grond en bagger: PFAS = 0,8 PFOS = 3,7 Toepassen in andere diepe plassen Grond en bagger PFAS = 0,8 PFOS = 1,1

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel