Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4:8

Geldigheid van de urgentieverklaring

Onderdeel van Huisvestingsverordening Delft 2023

1.. Een urgentieverklaring is geldig voor de termijn van drie maanden. 2.. Voor herstructureringskandidaten en KOTA-gedupeerden geldt een afwijkende geldigheidstermijn van maximaal twaalf maanden. 3.. De urgentieverklaring vervalt: nadat de houder ervan niet meer behoort tot de urgentiecategorie die aanleiding was voor verlening van de urgentieverklaring; of, bij aanvaarding van vervangende woonruimte; of, van rechtswege na verloop van de termijn genoemd in het eerste of tweede lid. 4.. Binnen twee weken na afloop van de geldigheidstermijn van een toegewezen urgentieverklaring kan een aanvraag worden ingediend voor een éénmalig woningaanbod, de aanvrager kan aantonen dat deze urgentieverklaring niet binnen de termijn waarvoor deze geldig was kon worden benut en de toetsingscommissie dit bevestigend adviseert. 5.. In afwijking van de bovenstaande leden kunnen burgemeester en wethouders besluiten, op advies van de toetsingscommissie, om een urgentieverklaring toe te wijzen voor een éénmalig woningaanbod. 6.. Op het moment het passend éénmalig woningaanbod wordt geweigerd door de houder van de urgentieverklaring, vervalt de urgentieverklaring. 7. . Een bezwaar gericht tegen het bij de urgentieverklaring behorende zoekprofiel, schorst de geldigheid van de urgentieverklaring totdat er op dat bezwaarschrift is beslist. De schorsende werking van bezwaar geldt niet als de urgentieverklaring is verleend op grond van artikel 4.7 lid 3.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel