Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 9.

Artikel 46.

Bestuurlijke boete

Onderdeel van Huisvestingsverordening Gouda 2023

1.. Het college kan een overtreding van het verbod, bedoeld in artikel 8, 23a en 41 eerste lid van de wet beboeten door een bestuurlijke boete op te leggen. 2.. De boete voor overtreding van: het verbod bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de wet bedraagt ten hoogste: het bedrag dat is vastgesteld voor de eerste categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; het verbod bedoeld in artikel 8, tweede lid van de wet, bedraagt ten hoogste: het bedrag dat is vastgesteld voor de vierde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wet-boek van Strafrecht; het verbod bedoeld in artikel 23a, eerste en derde lid, van de wet, bedraagt ten hoogste: het bedrag dat is vastgesteld voor de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; het verbod bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de wet, bedraagt ten hoogste: het bedrag dat is vastgesteld voor de vierde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wet-boek van Strafrecht. Als binnen een tijdvak van vier jaar voorafgaand aan de constatering van de overtreding al een bestuurlijke boete is opgelegd voor overtreding van hetzelfde verbod wordt het bedrag dat is vastgesteld voor de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel