Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.9

Artikel 4.10.6

Gesloten buitenwagen

Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Amsterdam juli 2023

aProductbeschrijving Een gesloten buitenwagen is een speciaal voor gehandicapten ingericht overdekt voertuig, uitgerust met benzine- of elektromotor, dat niet breder is dan 1.10 meter. De gesloten buitenwagen mag op de rijbaan maximaal 45 km/uur en op het (brom)fietspad binnen de bebouwde kom 30 km/uur en daarbuiten 40 km/uur. Op voetpad en trottoir is de maximumsnelheid 6 km/uur. Er mag geen gebruik gemaakt worden van auto(snel)wegen. Provinciale wegen die verboden zijn voor landbouwvoertuigen zijn ook verboden voor de gesloten buitenwagen. Een autorijbewijs of een bromfietscertificaat is niet nodig. Een gesloten buitenwagen biedt plaats aan maximaal drie personen, van wie er ten hoogste twee volwassen zijn. Zonder parkeerontheffing mag geparkeerd worden op een gehandicaptenparkeerplaats. Parkeren op het trottoir is toegestaan voor zover de vrije doorgang voor andere gebruikers niet wordt gehinderd. Het gaat hier om een vervoermiddel dat voorziet in de vervoersbehoefte op de korte afstand (vanaf 100 meter), in de directe omgeving van de eigen woning en op langere afstand (tot 30 kilometer). Overigens geldt voor de Wmo dat de voorziening wordt verstrekt ten behoeve van de vervoersbehoefte voor wat betreft sociaal vervoer in de directe woonomgeving. Dat met een gesloten buitenwagen verder kan worden gereden is een bijkomende eigenschap van de voorziening, maar geen grond voor de verstrekking. De voorziening kan gecombineerd worden met een financiële tegemoetkoming voor het gebruik van dit vervoermiddel. bVoorwaarden voor verstrekking De persoon met beperkingen heeft objectief aangetoonde belemmeringen in de sta- en loopfunctie en ondervindt ten gevolge hiervan problemen bij het zich verplaatsen buitenshuis, zowel op de korte als op de langere afstanden. Het openbaar vervoer, collectief vervoer en/of andere verplaatsingsmiddelen (bijvoorbeeld fiets, taxi, scootmobiel) en een vervoerskostenvergoeding komen op medische gronden niet in aanmerking. De betrokkene moet op grond van medische en functionele beperkingen op een gesloten buitenwagen zijn aangewezen. Taxivervoer kan - praktisch gezien - niet als een adequate voorziening worden beschouwd en een combinatie van medische en functionele beperkingen moet tot de conclusie leiden dat er geen andere adequate oplossing voor het probleem is dan de gesloten buitenwagen. Uitgangspunt van deze voorziening is dat hiermee de in het kader van het leven van alledag noodzakelijke en voor de persoon met beperkingen zeer essentiële vervoersbehoefte kan worden ingevuld. Het betreft een vervoersbehoefte om sociaal-maatschappelijk te kunnen participeren, die niet uitstelbaar en/of planbaar is.

Rechtspraak bij dit artikel