Naar hoofdinhoud
11.1 Vormen van begeleiding Begeleiding kan zowel individueel als in een groep worden geboden. Onder begeleiding groep worden vier vormen onderscheiden: licht, midden, zwaar en arbeidsmatige dagbesteding. Onder begeleiding individueel worden drie vormen onderscheiden: licht, midden en zwaar. Een uitgebreide toelichting van alle vormen zijn te vinden op de website van het inkoopbureau Utrecht West: https://inkooputrechtwest.nl/nieuwe-inkoop-2022/ 11.2 Beoordeling begeleiding Vanuit de Wmo 2015 kan ondersteuning worden geboden in de vorm van begeleiding. Begeleiding is in de Wmo 2015 in artikel 1.1.1. als volgt gedefinieerd: ‘activiteiten gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie van de cliënt opdat hij zo lang mogelijk in zijn eigen leefomgeving kan blijven’. Uitgangspunt bij het indiceren van begeleiding zijn de beperkingen van de cliënt. Wat ervaart hij voor problemen bij zijn zelfredzaamheid? Welke problemen komt hij tegen in het dagelijks leven? We onderscheiden de volgende terreinen waarop geïndiceerd kan worden: zelfredzaamheid (in staat tot bewegen en verplaatsen, communicatie, het nemen van besluiten, oplossen van problemen, dagelijkse routine kunnen organiseren, geld beheren, administratie, etc.); gedragsproblemen (destructief gedrag, dwangmatig gedrag, lichamelijk e/of verbaal agressief, seksueel overschrijdend gedrag, etc.); psychisch functioneren (concentratie, geheugen en denken, perceptie van de omgeving); oriëntatie stoornissen (oriëntatie in tijd, plaats en persoon). 11.2.1 Individuele begeleiding Individuele begeleiding is één op één-ondersteuning: een begeleider biedt persoonlijke ondersteuning, over het algemeen bij de cliënt thuis. Het is ook mogelijk dat er buitenshuis met de cliënt wordt geoefend. Het kan gaan om begeleiding bij : het ondersteunen bij het aanbrengen van structuur; het voeren van regie; het ondersteunen bij vaardigheden/handelingen ten behoeve van zelfredzaamheid; het bieden van toezicht. Als een diagnose ontbreekt doordat bijvoorbeeld de cliënt zorg mijdt kan - net als in de Wlz al gebruikelijk was - begeleiding worden ingezet “bij een sterk vermoeden van of bij zorgmijders”. De begeleiding heeft dan tot doel om de situatie te stabiliseren of in ieder geval niet te laten verergeren en is er op gericht de cliënt te bewegen om begeleiding of behandeling te gaan aanvaarden. 11.2.2 Groepsbegeleiding Mogelijk is ook begeleiding in groepsverband. Dit wordt vaak dagbesteding genoemd. Bij dagbesteding worden verschillende activiteiten aangeboden in een gestructureerd programma. Er zijn verschillende doelen denkbaar bij de inzet van begeleiding in groepsverband. Het kan gaan om: het bieden van een dagstructuur/weekstructuur; het bieden van een zinvolle daginvulling; het ontlasten van de mantelzorger bij een intensieve zorgvraag thuis; het bieden van een dagprogramma met als doel zinvolle dagbesteding, participatie en het behoud van (sociale) vaardigheden; het reguleren of handhaven van zelfredzaamheid, cognitieve vaardigheden en gedragsproblematiek 11.3 Gebruikelijke hulp bij begeleiding Gebruikelijke hulp is hulp die verwacht wordt van huisgenoten, die “normaal” wordt geacht in de relatie tussen huisgenoten en/of niet structureel meer is dan wanneer de huisgenoot geen beperking zou hebben. Begeleiding door partner, ouder, volwassen inwonend kind of andere volwassen huisgenoot wordt als gebruikelijke hulp beschouwd. In kortdurende situaties (maximaal drie maanden); als uitzicht op herstel (van de zelfredzaamheid) dusdanig is dat begeleiding daarna niet meer nodig zal zijn. In langdurige situaties: bij normaal maatschappelijk verkeer binnen de persoonlijke levenssfeer (bezoek familie/vrienden, bezoek huisarts, brengen en halen van kinderen naar school, sport of clubjes); hulp bij overnemen van taken die bij een gezamenlijk huishouden behoren zoals de thuisadministratie; het leren omgaan van derden (familie/vrienden/leerkracht etc.) met cliënt; ouderlijk toezicht op kinderen, de aard en mate hiervan is afhankelijk van de leeftijd van het kind. 11.4 Omvang individuele begeleiding Individuele begeleiding wordt vastgesteld in een aantal minuten per week. De omvang van het in het ondersteuningsplan opgenomen aantal minuten begeleiding is gebaseerd op een optelsom van de duur van de betreffende activiteiten. Dus welke activiteiten zijn nodig, hoeveel tijd kosten deze activiteiten, hoe vaak per week, zijn de activiteiten planbaar of niet planbaar en is er ook toezicht nodig. 11.5 Omvang groepsbegeleiding Begeleiding groep wordt vastgesteld in dagdelen. Een dagdeel staat gelijk aan maximaal vier aaneengesloten uren. Het aantal dagdelen begeleiding groep dat wordt geïndiceerd is afhankelijk van: De noodzaak: hoeveel structuur, activering, toezicht etc. is nodig? Wat biedt het eigen netwerk of de voorliggende voorzieningen, hoe belast is de mantelzorger, etc.? De mogelijkheden van de cliënt: hoeveel kan de cliënt fysiek en mentaal aan? Het doel dat begeleiding groep voor deze specifieke cliënt biedt. De mogelijkheden van de specifieke dagbestedingsgroep. Er wordt hierbij uitgegaan van de tarieven, zoals die zijn overeengekomen in de contracten voor zorg in natura. De tarieven voor begeleiding zijn te vinden op de volgende website: https://inkooputrechtwest.nl/inkoop/tarieven-en-productcodelijsten/ 11.6 Kortdurend verblijf Bij Wmo kortdurend verblijf gaat het om kortdurend verblijf (logeeropvang) ergens anders dan op het normale woonadres gedurende één of meerdere etmalen, in aanvulling op het wonen in de thuissituatie. De reden voor het kortdurend verblijf ligt in het verminderd zelfzorgend en zelfregelend vermogen van de inwoner. Dit is vaak aan de orde als bijvoorbeeld de mantelzorger tijdelijk wegvalt of de mantelzorg overbelast is of dreigt te raken. Kortdurend verblijf onderscheidt zich van eerstelijns verblijf in die zin dat er geen sprake is van een medische noodzaak of herstel na een medische ingreep van de Cliënt. Kortdurend verblijf is alleen mogelijk als: de Cliënt geen beroep kan doen op de Wlz of een aanvullende zorgverzekering. het ontlasten van de mantelzorger niet binnen het eigen sociale netwerk via een algemene voorziening (vrijwilligers/oproepcentrale) kan worden bereikt. De duur van kortdurend verblijf is afhankelijk van de situatie en bedraagt maximaal 42 etmalen (=6 weken) per jaar die flexibel door de cliënt kunnen worden ingezet 11.7 pgb tarief begeleiding en kortdurend verblijf De hoogte van een pgb voor begeleiding en kortdurend verblijf professioneel is 75% van het ZIN instellingstarief. De hoogte van een pgb voor begeleiding sociaal netwerk is 20,40 euro per uur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel