Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 10

Verdeelregels

Onderdeel van Tijdelijke subsidieverordening verander- en innovatiebudget beschermd wonen

1.. Het college rangschikt de subsidieaanvragen na een objectieve onderlinge vergelijking en verstrekt de subsidie op volgorde van rangschikking. 2.. Het college beoordeelt aanvragen op basis van de volgende beoordelingscriteria: de mate waarin het project innoverend is; de mate waarin het project bijdraagt aan het voorkomen van instroom in beschermd wonen en/of het versnellen van door- of uitstroom vanuit beschermd wonen; de mate van kwaliteit van de beoogde resultaten die de verandering en/of innovatie moet opleveren en de meetbaarheid van de resultaten; de mate van samenwerking met de doelgroep en/of het netwerk rondom de doelgroep, en andere relevante partijen; de mate van een reële kostenbegroting, evenwichtige kosten en verwachte baten en de mate van inzicht in de borging van activiteiten na de projectperiode. 3.. De beoordelingscriteria genoemd in lid 2 van dit artikel hebben een gelijk gewicht en per beoordelingscriterium kent het college 0, 5, 10, 15, 20 of 25 punten toe. 4.. Na de puntentoekenning rangschikt het college de aanvragen op basis van de totaalscore, waarbij de aanvraag met het hoogste aantal punten bovenaan staat. 5.. De volgorde van gelijk geplaatste subsidieaanvragen wordt door middel van loting bepaald wanneer subsidieverlening zou leiden tot overschrijding van het subsidieplafond. 6.. Wanneer door toekenning van een aanvraag het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de subsidie aan deze subsidieaanvrager gedeeltelijk verleend. 7.. Vindt het college het niet aannemelijk dat de subsidieaanvrager na gedeeltelijke verlening van de subsidie de activiteiten uit zal voeren, dan weigeren zij de subsidie.

Rechtspraak bij dit artikel