Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5:9

Voorwaarden en voorschriften ontheffing verbod onttrekken woonruimte ten behoeve van pied-à-terre

Onderdeel van Huisvestingsverordening Den Haag 2023

1. . Aan een ontheffing als bedoeld in artikel 5:8, eerste lid worden de volgende voorwaarden verbonden: de aanvraag wordt gedaan door de eigenaar die de woonruimte als tweede woning in gebruik zal nemen; er staat niemand in de BRP ingeschreven op het adres van de woonruimte waarop de aanvraag toeziet; er is voor de woonruimte waar de aanvraag op toeziet geen vergunning verleend als bedoeld in artikel 5:2, onder b; er is geen vergunning verleend als bedoeld in artikel 5:18, eerste lid voor het in gebruik geven van toeristische verhuur van de woonruimte waarop de aanvraag toeziet; de eigenaar staat niet in de BRP ingeschreven als bewoner van een woonruimte in de gemeente Den Haag. 2. . Aan een ontheffing als bedoeld in artikel 5:8, eerste lid worden de volgende voorschriften verbonden: de woonruimte waarop de aanvraag toeziet kan uitsluitend in gebruik worden gegeven voor gebruik ten behoeve van pied-à-terre voor de eigenaar en diens duurzaam gemeenschappelijk huishouden; op het moment dat de woning als pied-à-terre gebruikt wordt, dienen de gebruikers elk over 12 m2 gebruiksoppervlakte te beschikken; er mogen op de woonruimte waarop de aanvraag toeziet geen bewoners in de BRP worden ingeschreven; de woonruimte waarop de aanvraag toeziet wordt niet voor andere vormen van toeristische verhuur in gebruik gegeven; de ontheffing is niet overdraagbaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel