De volgende regels vast te stellen voor het voldoen van parkeerbelastingen:
De parkeerbelasting dient te worden voldaan door het in werking stellen van een parkeermeter of parkeerautomaat op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de op, aan of bij de parkeerapparatuur gestelde voorschriften;
Van de verschuldigde belasting per tijdseenheid wordt op of bij de parkeermeter of parkeerautomaat kennisgegeven;
Indien de parkeerplaats is voorzien van een parkeerautomaat die een parkeerkaartje verstrekt dient de na de betaling van de verschuldigde parkeerbelasting verkregen parkeerkaart als bewijs van betaling door de zijde met de tijdsaanduiding duidelijk leesbaar achter de voorruit van het voertuig te plaatsen;
Op de parkeerkaart worden tenminste de volgende gegevens vermeld:
dag, maand en jaar van de parkeerhandeling, alsmede tijdstip afloop betaalde parkeertijd;
het betaalde bedrag;
het nummer van de parkeerautomaat;
het doorlopende nummer van de parkeerkaart;
Een uit een parkeerautomaat verkregen parkeerkaart geldt uitsluitend als bewijs van betaling van de verschuldigde parkeerbelasting indien deze kaart is verkregen uit de parkeerautomaat welke behoort bij de gebruikte parkeerplaats;
Indien de parkeerplaats is aangewezen als vergunningzone dient, na de betaling van de parkeervergunning of bij het parkeren via de digitale visiteregeling, met het juiste voertuig te worden geparkeerd in verband met het scannen van het kenteken van het voertuig bij handhaving.