Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10

Begrotingscriterium

Onderdeel van Financiële verordening Amsterdam

1.. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie, investeringsportfolio’s en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2.. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5. 3.. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 4.. Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd, met uitzondering van overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten, investeringskredieten en baten, die niet in de (bijgestelde) begroting konden worden verwerkt 5.. Begrotingsonrechtmatigheden worden als acceptabel aangemerkt als deze passen binnen het door de raad vastgestelde beleid. Deze als acceptabel aangemerkte onrechtmatigheden worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel