a) Doelstellingen
Het faciliteren van deelname aan Peuteropvang en Voorschoolse educatie (VVE) van kinderen in de leeftijd vanaf 2,5 jaar tot het tijdstip dat zij deelnemen aan het basisonderwijs.
De ontwikkeling van (doelgroep)kinderen zodanig stimuleren dat hun kansen op een goede schoolloopbaan en maatschappelijke carrière worden vergroot;
Een dekkend aanbod van voor-en vroegschoolse educatie (VVE) voor alle (doelgroep)kinderen (en hun ouders/verzorgers);
Realisatie doorgaande lijn voorschoolse - vroegschoolse ontwikkeling
Jonge kinderen met een taal- of ontwikkelingsachterstand vroegtijdig signaleren en alle kansen te bieden om die achterstand in te halen;
Monitoren van de ontwikkeling van de doelgroepkinderen;
Deskundigheidsbevordering van voorschoolleidsters en Intern Begeleiders (IB ers).
b) Doelgroep
Subsidie wordt uitsluitend verleend aan de houders van geregistreerde kindercentra die gevestigd zijn in de gemeente Oosterhout en ten behoeve van in de gemeente Oosterhout woonachtige kinderen die een kindplaats bezetten.
c) Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen
Subsidie wordt verleend ten behoeve van kinderen:
mét een VVE indicatie en een VVE aanbod, waarvan de ouders niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag
mét een VVE indicatie en een VVE aanbod, waarvan de ouders wel in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag
zonder VVE indicatie (regulier) met een peuteropvang aanbod, waarvan de ouders wel in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag
zonder VVE indicatie met een peuteropvang aanbod, waarvan de ouders niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag
d) Nadere weigeringsgronden
Indien het geregistreerde kindercentrum waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet voldoet aan de wet kinderopvang of de kwaliteitseisen voor kindercentra, genoemd in de artikelen 2 tot en met 10 van het Besluit kwaliteit kinderopvang kan de subsidie aanvraag geweigerd worden.
e) Subsidieplafond
Het subsidieplafond voor 2024 bedraagt € 1.300.000 (onder voorbehoud van vaststelling van de begroting door de gemeenteraad).
f) Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Voor kinderen zonder indicatie voor voorschoolse educatie (VVE indicatie) geldt een maximum te subsidiëren omvang van het aanbod van 320 uur per jaar verdeeld over 2 dagen per week in 2024. Voor kinderen mét een VVE indicatie geldt in 2024 een maximum te subsidiëren omvang van het aanbod van 640 uur per jaar, verdeeld over 4 dagen per week. De subsidiabele kosten per kindplaats bedragen het aantal af te nemen uren kinderopvang vermenigvuldigd met de maximum uurprijs voor subsidie en heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van de ouderbijdrage. De ouderbijdrage per uur wordt vastgesteld aan de hand van het geldende Besluit Kinderopvangtoeslag artikel 4 lid 1 a. (maximum uurtarief)) en de adviestabel ouderbijdrage VNG 2024 met het inkomensafhankelijke toeslagpercentage van 2024. Voor ouders die recht hebben op kinderopvangtoeslag geldt een bruto-ouderbijdrage van het maximum uurtarief van 2023. Zij worden inkomensafhankelijk gecompenseerd met de kinderopvangtoeslag. Voor kinderen mét een VVE indicatie geldt dat voor 50% van het aantal afgenomen uren een ouderbijdrage in rekening gebracht wordt.
De subsidiesystematiek is gebaseerd op aantallen peuters die gebruik maken van de voorschoolse voorziening.
Per 1 januari 2022 is in de voorschoolse educatie de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker verplicht. Het aantal uren dat deze pedagogisch beleidsmedewerker per jaar moet worden ingezet, wordt als volgt berekend: het aantal doelgroeppeuters voorschoolse educatie tussen de tweeënhalf en vier jaar oud dat op 1 januari (de peildatum) staat ingeschreven bij het kindercentrum x 10 uur.
In de subsidieaanvraag 2024 geven de aanbieders aan hoeveel VE peuters er geplaatst zijn. Dat is ook het uitgangspunt voor de subsidie ter dekking van de extra kosten.
g) Berekening van de subsidie
De subsidie wordt berekend op basis van het aantal bezette kindplaatsen op 1 mei van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar vermenigvuldigd met het aantal uren.
Indien de houder kan aantonen dat het aantal bezette kindplaatsen op 1 mei van het lopende subsidiejaar hoger is dan bij de aanvraag, én uit het Landelijk Register Kinderopvang blijkt dat de totale geregistreerde capaciteit - in vergelijking met 1 mei van het voorgaande jaar - met minimaal 8 kindplaatsen is toegenomen, dan wordt de subsidie vastgesteld met in achtneming van dit hogere aantal bezette kindplaatsen voor de periode vanaf 1 mei t/m 31 december van het lopende subsidiejaar. Indien het aantal bezette kindplaatsen in het subsidiejaar lager is dan het aantal kindplaatsen van de subsidieaanvraag dan wordt de subsidievaststelling gebaseerd op het aantal bezette kindplaatsen per 1 mei voorafgaand aan het subsidiejaar.
De subsidiebijdrage voor de VE coach wordt als volgt berekend:
Subsidiebijdrage VE coach 2024 = aantal VE peuters in subsidieaanvraag x 10 uur x uurtarief
h) Verdeling van het subsidieplafond
Als eerste komen de aanvragen van rechtspersonen in aanmerking waarmee de gemeente een langdurige subsidierelatie op het aangevraagde werkveld heeft. Als bij de berekening van de subsidies blijkt dat het subsidieplafond wordt overschreden, worden alle subsidies met een percentage verlaagd, totdat het subsidieplafond niet meer wordt overschreden.
i) Nadere verplichtingen
Alle kindcentra die VVE verzorgen dienen te voldoen aan de kwaliteitseisen van de wet OKE;
De kinderopvangorganisaties dienen te voldoen aan de wet kinderopvang;
Iedere VVE peuter wordt warm overgedragen aan het basisonderwijs;
De aanbieder van VVE neemt deel aan relevante overleggen over VVE-kinderen en VVE beleid;
Voor alle VVE peuters is een oudercontract beschikbaar;
De aanbieders stellen samen met de gemeente concrete resultaatafspraken over VVE op;
Alle VVE peuters beschikken over een indicatie die is afgegeven door het consultatiebureau;
Er wordt gebruik gemaakt van een kindvolgsysteem dat aansluit op het systeem van de bassischool waartoe de voorschool behoort;
De pedagogisch medewerkers die met VVE werken zijn geschoold in opbrengstgericht werken en werken hier aantoonbaar mee in de praktijk;
Iedere voorschool heeft gericht ouderbeleid dat gebaseerd is op de eigen ouderpopulatie. Hierin wordt in ieder geval beschreven hoe ouders worden betrokken bij de VVE op de voorschool en hoe ouders geïnformeerd worden over de ontwikkeling van hun kind;
Op de voorscholen wordt een interne kwaliteitsmonitor uitgevoerd waarin de aspecten van het toetsingskader van de inspectie voor VVE locaties terugkomen.
De aanvrager uploadt kwantitatieve gegevens in het door de gemeente beschikbaar gestelde monitoringssysteem. Hiervoor levert de aanvrager voor elk kwartaal van het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, per peuter per maand tenminste de volgende informatie aan: betreffend kwartaal, maand, locatie en LRK-nummer; BSN; NAW-gegevens; geboortedatum; inkomen ouders, eerste kind ja/nee, vve-indicatie ja/nee, kinderopvangtoeslag ja/nee, startdatum peuteropvang, (verwachte) einddatum peuteropvang, aantal uren regulier aanbod, aantal uren aanvullend aanbod. Deze gegevens worden aangeleverd voor zowel reeds geplaatste peuters als voor peuters die een reservering voor peuteropvang in de toekomst hebben bij de aanvrager.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1.2.
Artikel 3.1.2.1.
Peuteropvang en voorschoolse educatie (VVE)
Onderdeel van Beleidsregels voor subsidieverstrekking Gemeente Oosterhout 2024