**1..** Het innemen van een standplaats wordt geregeld via artikel 5:18 APV. Hierin is een verbod opgenomen tot het aanbieden van goederen vanaf een vaste plaats in de openbare ruimte zonder vergunning van burgemeester en wethouders. Er geldt dus een vergunningsplicht voor het innemen van een standplaats.
**2..** In artikel 5:18 lid 2 van de APV is opgenomen dat het college de vergunning weigert wegens strijd met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit.
**3..** Bij het beoordelen van de aanvraag voor een vergunning aan het bepaalde in artikel 1:8 juncto artikel 5:18, lid 3, van de APV wordt in elk geval getoetst aan de volgende criteria:
Bescherming openbare orde en veiligheid / beperken overlast (artikel 1:8 APV)
de doorgang van hulpdiensten als politie, brandweer en ambulance wordt niet belemmerd (minimaal doorgang van 3,5 meter);
de toegang tot gebouwen wordt niet belemmerd;
geur- of geluidshinder of enig andere vorm van overlast die te verwachten is voor gebruikers of zakelijk gerechtigden van de in de nabijheid van de standplaats gelegen onroerende zaken kan afdoende worden beperkt door het stellen van voorschriften;
de aangevraagde standplaats bevindt zich niet op de bij de gemeente in beheer zijnde gazons of groenstrook;
er kan worden voldaan aan de gestelde brandveiligheidsvoorschriften.
Waarborgen verkeersveiligheid (artikel 1:8 APV)
de aangevraagde standplaats belemmert niet het zicht op kruisingen, fiets- en voetgangersoversteken en blokkeert niet de uitritten van panden;
de aangevraagde standplaats is in beginsel niet gelegen op een parkeerplaats bestemd voor belanghebbenden (bijvoorbeeld: gehandicapten, elektrische auto of laad- en losplekken);
de vrije doorgang van het verkeer ter plaatse (voetgangers, fietsers, gemotoriseerd verkeer) wordt niet belemmerd;
de standplaats werkt niet verstorend of verwarrend op de verkeerskundige inrichting van de wegen, leidt daardoor niet tot onveilige verkeerssituaties of onveilig verkeersgedrag van verkeersdeelnemers op de weg;
de standplaats leidt niet tot onaanvaardbare toename van de parkeerdruk in de directe omgeving.
Waarborgen redelijke eisen welstand (artikel 5:18, lid 3, sub a APV)
Artikel 5:18, lid 3, sub a APV bevat als mogelijke weigeringsgrond het niet voldoen aan de redelijke eisen van welstand door de standplaats zelf of in verband met de omgeving.
Redelijk verzorgingsniveau (artikel 5:18, lid 3, sub b APV)
Er is geen sprake van dat consumenten afhankelijk zijn van slechts één winkel in een betreffende branche en dat deze mogelijk zal verdwijnen door het verlenen van de vergunning voor het innemen van een standplaats.
**4..** De gemeente bepaalt de locaties waar de standplaatsen mogen worden ingenomen en bij de vergunning wordt een locatiekaart toegevoegd waarop de locatie nader is aangegeven.
**5..** Op een standplaatslocatie mag maximaal één aanbieder per branche tegelijkertijd een standplaats innemen.
**6..** Indien een aanvraag wordt ingediend voor een locatie waarop het maximaal aantal te verstrekken vergunningen is bereikt, wordt een vergunning geweigerd.