Naar hoofdinhoud
1.. De rentedragende lening ter voorziening van bedrijfskapitaal wordt renteloos gemaakt als de debiteur voldoet aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 43 lid 2 Bbz 2004. 2.. Onder verwijtbaarheid, zoals bedoeld in artikel 43 lid 2 Bbz 2004, verstaat het college in ieder geval maar niet uitsluitend, het volgende: te hoge privé uitgaven of onttrekkingen; bestuurdersaanprakelijkheid; paulianeus handelen. 3.. Ingeval van faillissement of surceance gaat de periode van 5 jaar aflossing van de renteloos gemaakte lening in vanaf opheffing faillissement of surceance. 4.. De debiteur die het college binnen drie maanden schriftelijk informeert over diens bedrijfsbeëindiging of uitspraak van het faillissement/surseance, kan in aanmerking komen voor een regeling bij bedrijfsbeëindiging zoals bedoeld in artikelen 42 t/m 43d Bbz 2004. 5.. Als sprake is van verwijtbare bedrijfsbeëindiging wordt de lening voortgezet tegen dezelfde voorwaarden als het bedrijfskapitaal is verstrekt; dat betekent met hetzelfde aflossingsbedrag en rentetarief.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel