De gemeentelijke kredietbank is bevoegd het krediet vervroegd op te eisen, indien:
de kredietnemer gedurende tenminste twee maanden achterstallig is in de betaling van een vervallen maandtermijn, na in gebreke te zijn gesteld en nalatig blijft in de nakoming van zijn verplichtingen;
de kredietnemer Nederland heeft verlaten, dan wel redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de kredietnemer Nederland binnen enkele maanden zal verlaten;
de kredietnemer is overleden en de gemeentelijke kredietbank gegronde redenen heeft om aan te nemen dat zijn verplichtingen uit hoofde van de kredietovereenkomst niet zullen worden nagekomen;
de kredietnemer in staat van faillissement of surseance van betaling is komen te verkeren of ten aanzien van de kredietnemer de Wsnp van toepassing is verklaard;
de kredietnemer de tot zekerheid verbonden zaak heeft verduisterd;
de kredietnemer aan de gemeentelijke kredietbank, met het oog op het aangaan van de kredietovereenkomst, bewust onjuiste inlichtingen heeft verstrekt van dien aard, dat de gemeentelijke kredietbank de kredietovereenkomst geheel niet of niet onder dezelfde voorwaarden zou hebben aangegaan indien de gemeentelijke kredietbank met de juiste stand van zaken bekend zou zijn geweest.
HOOFDSTUK IV KREDIETVERLENING › Paragraaf 7
Artikel 32
Opeisbaarheid
Onderdeel van Bankreglement Gemeentelijke Kredietbank ’s-Hertogenbosch 2023