Ten behoeve van dit onderzoek zijn alle accommodatie-gebonden uitgaven, inkomsten en boekwaarden op een rij gezet. In de bijlage staan meer gedetailleerde overzichten per thema. In hoofdlijnen ziet de financiële situatie er als volgt uit (*):
Totaaloverzicht per thema:
* het gaat hier om de beoogde uitgaven en inkomsten uit de lopende begroting 2016.
* het betreft alleen gemeentelijke uitgaven; bijvoorbeeld energielasten die door de gebruiker worden betaald, zijn buiten beschouwing gelaten.
Per thema zijn op basis van de begroting van de gemeente voor 2016 de kosten en baten in beeld gebracht. In totaal gaat er rond de 4,8 miljoen om in accommodaties in de gemeente. Deze kosten bestaan uit kapitaallasten, onderhoudskosten, energiekosten, loonkosten en overige kosten (belastingen, heffingen en verzekeringen). Daarnaast gaat er ook geld indirect naar accommodaties via subsidies. Deze stromen zijn in dit overzicht niet meegenomen, aangezien deze stromen eerst goed inzichtelijk moeten worden gemaakt. De sturingsmogelijkheden op de kosten vanuit gemeente verschillen per thema en soort kosten.
Onderwijs
Situatie:
De grootste kostenpost zijn de kapitaallasten van de scholen. Per 1 januari 2015 ligt het onderhoud bij de schoolbesturen, waarbij er wel een bedrag is gereserveerd voor schade-/ verzekeringskwesties en constructieve fouten. De kosten voor exclusieve opgaven op onderwijsgebied, zoals vernieuwbouw of nieuwbouw, blijven voor rekening van de gemeente komen en zijn niet in deze kosten meegenomen.
Sturingmogelijkheden:
Kapitaallasten veranderen niet snel door meer of minder te investeren, de omvang van de investering en het uitsmeereffect door de afschrijvingstermijnen dempen de gevolgen. Afstoten van vastgoed, na sluiting van bijvoorbeeld een school en/of verkoop van grond, leidt wel direct tot een daling van de kapitaalkosten. Een factor waar dan rekening mee moet worden gehouden is het afboeken van restant boekwaarden, waardoor incidenteel een extra kostenpost kan ontstaan.
Binnensport
Situatie:
Voor binnensportaccommodaties (gymzalen en sporthallen) is de gemeente verantwoordelijk voor alle kosten: dagelijks en groot onderhoud, energielasten, beheer. De gemeente is verplicht om in een dorp een gymzaal in stand te houden, zolang in het dorp een basisschool gehuisvest is. Hieraan ligt een eerder gemaakte keuze ten grondslag, namelijk het behoud van een basisschool in alle elf dorpen (zie: bestaande kaders).
Tegenover de kosten staan beperkte huuropbrengsten van de verenigingen en het voortgezet onderwijs. Het basisonderwijs hoeft geen huur te betalen. Volgens de wet zorgt de gemeente voor de bekostiging van 1,5 klokuur gymnastiek per groep (groep 3 t/m 8).
Reeds gemaakte keuzes:
Voor 2017 staat een huurverhoging van 15% op de planning voor de gymzalen en sporthallen. Daarnaast is in 2015 en 2016 op het beheer van de gymzalen en sporthallen bezuinigd, door adequaat in te spelen op het vertrek door natuurlijk verloop van een aantal beheerders. Hierdoor ontstond de mogelijkheid de beheerfunctie anders, goedkoper en flexibeler, in te vullen. Dit heeft een bezuiniging van €18.000 op het beheer van de gymzalen en €11.000 op het beheer van sporthallen opgeleverd.
Sturingsmogelijkheden:
Wanneer we de (geschatte) energiekosten voor alle sporthallen en gymzalen in de Achtkarspelen delen door het aantal vierkante meters, komen we uit op gemiddeld redelijk bedrag. De kosten voor het beheer van de gymzalen en sporthallen is een grote post. Hier is wel een mogelijkheid tot anders organiseren door bijvoorbeeld het beheer onder te brengen bij de uitbater van het dorpshuis. Op korte termijn heeft dit weinig effect, maar op het moment dat één of meer van de huidige beheerders vertrekt kan kritisch gekeken worden naar hoe het beheer in de toekomst ingevuld kan worden. Hierbij blijft de gemeente wel verantwoordelijk voor de veiligheid. Dit vraagt om kritisch te kijken naar de nieuwe situatie, gezien de ervaringen in andere dorpen buiten de gemeente Achtkarspelen(rommel, gladde vloeren, etc.). Als verhuurder (juridisch en economisch eigendom) is de gemeente verantwoordelijk voor deugdelijk onderhoud.
Buitensport
Situatie:
In dit thema zitten zowel de velden als kleedaccommodaties van voetbal, korfbal en tennis. Ook de overige buitensportaccommodaties (survival, ijsbanen, concoursveld, kaatsveld, fierljepschans) vallen hieronder. De onderhoudskosten betreffen voornamelijk het onderhoud van de velden. Sommige verenigingen hebben volgens het onderzoek van de Grontmij meer velden dan noodzakelijk is. De gemeente draagt verder eens in de 40 jaar bij in het groot onderhoud van de kleedkameraccommodaties van korfbal, voetbal en tennis. Hierbij geldt dat 50% van de uit te besteden werkzaamheden door de vereniging moet worden betaald, de andere 50% draagt de gemeente bij. Van dit bedrag zijn de zelfwerkzaamheden afgetrokken, hier zorgt de vereniging zelf al voor.
Reeds gemaakte keuzes:
In april 2016 is een pilot gestart voor het zelfonderhoud van de sportvelden. Boelenslaan, Harkema, Buitenpost en Kootstertille draaien mee in deze pilot. De gemeente investeert in het materiaal, de verenigingen zorgen voor het onderhoud. Na de pilot wordt het ook uitgerold naar de andere dorpen.
Sturingsmogelijkheden:
De sturing is vooral te halen in de afbouw van de overmaat aan velden, gezien vrij de hoge onderhoudskosten ervan. Dit kan door het onderhoud te financieren op basis van het ledenaantal en het hierbij passende aantal velden.
Welzijn
Situatie:
De kosten bestaan voornamelijk uit de kapitaallasten van de dorpshuizen en jeugdhonken. Ook hier geldt voor het onderhoud aan onder andere dorpshuizen dat er via een cyclus geld vrij komt voor groot onderhoud. De gemeente levert een bijdrage van 75% aan de kosten van het uit te besteden werk (eens in de 40 jaar). Het cultuurcentrum en bibliotheken vallen in het financieel overzicht ook onder dit thema. Hierbij moet rekening worden gehouden dat dit om de totale subsidie gaat die naar de voorziening toe gaat, waar onder andere ook de onderhoud- en beheerkosten inzitten.
De opbrengsten bij welzijn bestaan voornamelijk uit de huren die de peuterspeelzalen betalen. Daarnaast betalen omliggende gemeente die gebruik maken van het cultuurcentrum huur.
Reeds gemaakte keuzes:
n.v.t.
Sturingsmogelijkheden:
Op de bijdrage van onderhoud is te sturen, maar gering. Hier staat geen extreem bedrag voor begroot. Alle dorpshuizen zijn geprivatiseerd. Waar het beheer nog gesubsidieerd wordt door de gemeente, zoals bij het Clubhuis en it Koartling, is sturing mogelijk.
Zwembaden
Situatie:
Het binnenzwembad in Buitenpost is geprivatiseerd en ontvangt uit een voorziening, geen begrotingspost, tot en met 2018 een jaarlijkse exploitatiebijdrage van € 168.000. De gemeente heeft in de begroting alleen een kleine kostenpost aan overige kosten (€ 3.596).
Naar het buitenzwembad in Surhuisterveen gaat een exploitatiesubsidie. Vanaf 2014 is subsidie van het zwembad van Surhuisterveen verlaagt met €20.000. De exploitatiesubsidie is nu € 92.501.
Reeds gemaakte keuzes:
In 2017 staat voor het zwembad Surhuisterveen een verlaging van nog eens € 5.000 begroot en in 2018 komt hier nog €10.000 bovenop. Dit gaat om een totale bezuiniging van €35.000, waardoor de maximale exploitatiesubsidie per 2018 ca. € 75.000 bedraagt. De stichting van het zwembad in Buitenpost is voornemens met private partners nieuwbouw te realiseren en streeft daarbij financieel onafhankelijk van de gemeente te blijven.
Sturingsmogelijkheden:
Zoals nu ook al gedaan wordt, kan er vanuit de gemeente gestuurd worden op de exploitatiesubsidie die naar het buitenzwembad in Surhuisterveen gaat. Op de kleine kostenpost aan overige kosten voor het zwembad in Buitenpost is amper tot niet te sturen.