De aanbevelingen die we voorstellen in dit accommodatiebeleid, komen deels voort uit praktische overwegingen, maar sluiten altijd aan bij een reeks beleidsopvattingen van principiële aard. Deze opvattingen bieden houvast om keuzes te maken, nu en in de komende jaren. Ze luiden als volgt:
Het behoud van onderwijs, sport en ontmoeting in de elf dorpen blijft het uitgangspunt.
Dit uitgangspunt is vastgelegd in het collegeprogramma. Het is belangrijk om te constateren dat de gemeente daarmee mogelijk niet de financieel meest doelmatige keuze maakt, maar kiest voor investeren in behoud van leefbaarheid op dorpsniveau.
De gemeente draagt financieel bij aan benodigde accommodaties als middel van voorzieningen, niet aan het beheer van de voorziening zelf.
De gemeente wil graag dat de drie voorzieningen (ontmoeting, onderwijs en sport) zoals eerder benoemd behouden blijven voor de elf dorpen. Belangrijk uitgangspunt is dat er ook behoefte is aan die voorzieningen. Voor een deel heeft de gemeente daarin zelf een (wettelijke) verantwoordelijkheid, zoals het bieden van bereikbaar basisonderwijs en een veilige binnensportmogelijkheid. Maar als het gaat om niet-onderwijs gerelateerde voorzieningen, overige sport en ontmoeting, is de behoefte in het dorp een voorwaarde voor ondersteuning.
In dat geval draagt de gemeente direct bij aan de accommodatie (huisvesting) van die voorzieningen, maar niet in het beheer van de voorziening zelf. Daar waar dit nu nog wel gebeurt, wordt dit zo snel mogelijk afgebouwd en aan de Mienskip overgelaten. Het beheer van gymlokalen is in deze een ‘grijs gebied’: is er draagvlak voor overdracht van beheer aan derden en zijn er voldoende garanties voor veilig sporten, dan is dat een gewenste ontwikkeling.
De Mienskip krijgt meer verantwoordelijkheid en ruimte om keuzes te maken in accommodaties.
De wet, de maatschappij en ook de financiële situatie vereisen dat een gemeente zich beperkt tot haar kerntaken en -verantwoordelijkheden. Vanuit de Mienskip zelf nemen we de behoefte waar om zelf keuzes te maken en onafhankelijk te zijn van de overheid.
De gemeente moet dan ook ‘loslaten’ en een grotere verantwoordelijkheid geven aan de Mienskip. Dit houdt in dat activiteiten en gebouwen worden overgedragen op basis van vrijwilligheid of een vergoeding. Het betekent ook dat de Mienskip zelf staat voor het behoud ervan en dat de meerjarige bijdrage aan onderhoud wordt verlaagd.
Om dit te kunnen realiseren is enerzijds voldoende draagkracht bij de Mienskip nodig en anderzijds een verantwoorde financiële overdracht. In dorpen waar de Mienskip nog onvoldoende sterk is, zal de gemeente voorzichtig opereren, en tegelijk de ontwikkeling daarvan prikkelen. Hiervoor kan een begeleidende rol van de gemeente belangrijk zijn om de zelfredzaamheid en organisatievermogen te ontwikkelen. Gemeente heeft geen daadwerkelijke rol in het organiseren van activiteiten.
Samenwerkingsmogelijkheden worden altijd serieus onderzocht en overwogen.
Doelmatig gebruik van accommodaties bespaart geld (bijvoorbeeld op onderhoud of energielasten), en dat komt ten goede aan het behoud van voorzieningen. In veel dorpen loopt het gebruik van accommodaties terug, en ontstaat er leegstand in delen van gebouwen of op grotere delen van de dag. De leegstand is voornamelijk het geval bij schoolgebouwen. Alle kansen die zich voordoen voor samenwerking moeten worden onderzocht en overwogen. Dat kan gaan om organisatorische samenwerking, maar ook om het delen van accommodaties. De gemeente ziet het als haar rol om partijen aan tafel te brengen en samenwerkingsmogelijkheden positief te beïnvloeden.
De gemeente draagt financieel redelijk bij in accommodaties en wil waar mogelijk haar kosten dekken.
Er is een continu spanningsveld tussen het behoud van laagdrempeligheid en het vragen van een bijdrage van gebruikers van accommodaties. Omdat er bij accommodaties geen sprake is van een echte markt, hanteren we een tarievenvergelijking met omliggende gemeenten. Daaruit blijkt dat de huurbedragen voor sportaccommodaties in Achtkarspelen momenteel in vergelijking met deze gemeenten het laagst zijn. Daarnaast zijn de gevraagde baten niet in verhouding met de lasten. In de huidige begroting 2016-2019 is opgenomen dat de huren per 2017 worden verhoogd naar een ‘marktconformer’ bedrag. Dat leidt tot hogere contributies van verenigingen. Wel is in de raad vastgesteld dat sport een ‘activiteit van algemeen belang’ is. De kostprijs hoeft voor de clubs niet in rekening worden gebracht.
De gemeente helpt mee bij het vergroten van de toekomstbestendigheid.
Dat doet de gemeente meestal niet in directe zin, door eenzijdige financiële bijdragen, maar wel door bijdragen van meer faciliterende aard. Bijvoorbeeld: garantstelling bij leningen voor renovatie van kleedaccommodaties, cofinanciering wanneer ook andere partijen bijdragen, het stimuleren van het gebruik van voorzieningen, etc.
Ruimtebehoefte: eerst bestaande accommodaties optimaal benutten.
Investeringskeuzes zijn erop gericht om bestaand accommodaties (vastgoed, velden, etc.) zo goed mogelijk te gebruiken. Nieuwe accommodaties zijn in principe ter vervanging van bestaande en niet gericht op uitbreiding. Als er voorzieningen zijn in het dorp die om een accommodatie vragen, wordt eerst naar bestaande mogelijkheden of accommodaties gezocht, daarna naar mogelijkheden in buurdorpen en pas daarna wordt gekeken naar toevoeging.
Keuzes voor investeringen worden zowel met oog voor de korte als lange termijn gemaakt.
Sommige keuzes leiden op korte termijn tot een bezuiniging, maar leiden op langere termijn tot hogere kosten, of nemen tegelijk de kans op een veel grotere lange termijn besparing weg.
Een eenvoudig voorbeeld is het te veel besparen op onderhoud.
Een meer complex voorbeeld is de afweging tussen renovatie van bestaande accommodaties of het investeren in nieuwbouw. Dit leidt tot hogere voorinvesteringen, maar kan ook leiden tot een betere exploitatie en voordeel op langere termijn. Zowel financieel als voor het dorp. Deze afweging maakt de gemeente altijd, zorgvuldig, en in samenspraak met gebruikers en andere betrokkenen.
Artikel 14.
Zeven richtinggevende beleidsopvattingen
Onderdeel van Accommodatiebeleid gemeente Achtkarspelen