Naar hoofdinhoud
1.. De rekenkamer is bevoegd binnen haar budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer. 2.. De volgende kosten komen ten laste van het in het eerste lid bedoelde budget: De vergoeding van de voorzitter en de leden (conform artikel 8); De contributies van de beroepsvereniging van rekenkamers; De inhuur van externe onderzoeksbureaus; Overige uitgaven die de rekenkamer nodig acht voor de uitoefening van haar taak. 3.. Om jaarlijkse fluctuaties in de (externe) onderzoeks-uitgaven van de rekenkamer te kunnen opvangen wordt eventuele onder-uitputting van het budget jaarlijks meegenomen naar het volgende begrotingsjaar, tot een maximumbedrag ter hoogte van 20% van het jaarbudget. 4.. De rekenkamer is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de raden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel