Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5

Artikel 15

Instandhoudingbepaling

Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Gulpen-Wittem 2010

1.. Het is verboden om in een archeologisch verwachtingsgebied zoals aangegeven op de gemeentelijke archeologische beleidskaart, bedoeld in artikel 1, lid e en f van deze verordening, de bodem te verstoren. 2.. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien: het een verstoring betreft op de tot ΄Waarde - Archeologische΄ aangewezen gronden die nader aangeduid zijn als archeologische verwachtingswaarden ΄hoog΄,΄ middelhoog΄ en ΄AMK - terreinen΄ en ter plaatse van archeologische vindplaatsen dient een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd te worden als een bodemingreep dieper dan 30 cm beneden maaiveld plaats vindt en: de grens van het plangebied binnen 50 meter van een archeologische vindplaats is gelegen, of; het plangebied groter is dan 100 m² en is gelegen binnen een historische kern; in AMK- terreinen het plangebied groter is dan 0 m², of; voor overige gebieden het plangebied groter is dan 2500 m ² tenzij een vindtplaats binnen 50 meter van de grens van het plangebied is gelegen. in het geldende bestemmingsplan bepalingen zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg. in een ontheffing of projectbesluit in de zin van de Wet ruimtelijke ordening regels zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg; het college nadere regels stelt met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring van een archeologisch verwachtingsgebied als aangegeven op gemeentelijke archeologische beleidskaart; een rapport is overlegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van het college in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd, of; de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad, of; in het geheel geen archeologische waarden aanwezig zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel