**1.** De maatregel wordt opgelegd met ingang van de eerste dag van de kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot maatregel aan de belanghebbende is kenbaar gemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende uitkeringsnorm.
**2.** In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover uitbetaling nog niet heeft plaatsgevonden.
**3.** In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd, indien de inlichtingenplicht niet is nagekomen en de uitkering ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend.
**4.** Een maatregel wordt voor bepaalde tijd opgelegd. Een maatregel die voor een periode van meer dan 3 maanden wordt opgelegd, wordt uiterlijk na drie maanden nadat het besluit is bekendgemaakt, heroverwogen.
**5.** Indien er sprake is van het opleggen van maatregel maar deze in verband met het beëindigen van de uitkering niet (geheel) kan worden geëffectueerd, blijft de maatregel (het restant) staan gedurende een periode van 12 maanden, te rekenen vanaf het moment van beëindiging van de uitkering.
**6.** Bij hervatting van de uitkering binnen de in het vierde lid genoemde periode beoordeelt het college of de (restant) maatregel alsnog wordt geëffectueerd. Van een (gedeeltelijk) afzien wordt schriftelijk mededeling gedaan onder vermelding van de reden.
Hoofdstuk 1
Artikel 6
Ingangsdatum en tijdvak
Onderdeel van Maatregelenverordening WWB, IOAW, IOAZ gemeente Oudewater 2010