**1.** De belasting wordt niet geheven ter zake van:
a voorwerpen welke ingevolge een wettelijk voorschrift moeten worden gedoogd;
b voorwerpen ten behoeve van percelen, waarvan de gemeente krachtens eigendom, bezit of beperkt recht de genothebbende is, met uitzondering van die percelen, waarin de gemeentebedrijven worden uitgeoefend en van die, welke aan derden zijn verhuurd;
c voorwerpen, gebruikt voor activiteiten met een politiek, godsdienstig, geestelijk, wereldbeschouwelijk, sociaal, weldadig doel dan wel, voor zover geen sprake is van een directe of indirecte commerciële (neven) activiteit, voor activiteiten met een sportief, cultureel, recreatief of mediadoel;
d voorwerpen op de openbare weg bij kleinschalige niet-commerciële buurtactiviteiten;
**2.** De in onderdeel 1 van de tarieventabel opgenomen belasting wordt niet geheven:
a indien de betreffende grond, hoewel de kosten daarvan in de koopsom van het aangrenzende bouwperceel zijn begrepen, eigendom van de gemeente blijft ten einde daarop van gemeentewege volgens het geldende bestemmingsplan, een grasperk, plantsoen of plein aan te leggen en te onderhouden;
b ten behoeve van de bouw en renovatie van woningen door toegelaten instellingen, als bedoeld in artikel 70 van de Woningwet.
Artikel 7
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2002.