Deze regeling verstaat onder:
burgemeester: de burgemeester van de gemeente Utrecht;
bevoegdheid: mandaat, volmacht of machtiging;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht
CPR: een door de raad op grond van artikel 83 van de Gemeentewet ingestelde commissie, onder de naam Commissie Personeelszorg Raadsfunctionarissen, als bedoeld in de Verordening CPR gemeente Utrecht;
dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de raad als bedoeld in het Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden gemeenteraad Utrecht;
gemandateerde: degene die van de mandaatgever de bevoegdheid heeft gekregen om in naam van de mandaatgever besluiten te nemen en te ondertekenen;
griffie: de organisatie die valt onder de verantwoordelijkheid van de raad, bestaande uit de griffier en de onder zijn verantwoordelijkheid functionerende ambtenaren als bedoeld in artikel 107e Gemeentewet;
griffier: de op grond van artikel 107 Gemeentewet door de raad benoemde functionaris;
machtiging: de bevoegdheid om namens de gemeente feitelijke handelingen te verrichten, dat zijn handelingen zonder rechtsgevolgen;
mandaat: de bevoegdheid om in naam van de mandaatgever besluiten te nemen;
mandaatgever: het bestuursorgaan dat de bevoegdheid geeft om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen;
mandaatoverzicht: overzicht van door mandaatgever aan gemandateerde opgedragen bevoegdheden
ondermandaat: een door een gemandateerde verleend mandaat van een aan hem gemandateerde bevoegdheid aan een derde;
raad: de gemeenteraad van Utrecht;
volmacht: de bevoegdheid om in naam van de mandaatgever privaatrechtelijke rechtshandelingen ter verrichten en te ondertekenen.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Mandaatregeling gemeenteraad en burgemeester gemeente Utrecht