Wanneer de Omgevingswet ingaat, komen een aantal onderdelen van het Besluit bodemkwaliteit (van vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet) in het Bal. Dit zijn regels voor het toepassen van bouwstoffen en grond en baggerspecie (plaatsgebonden regels) die zijn ingebouwd in regelgeving onder de Omgevingswet. In de paragrafen 3.2.25 en 3.2.26 van het Bal zijn deze activiteiten omschreven en gedefinieerd en in paragraaf 4.123 (toepassen bouwstoffen) en 4.124 (toepassen van grond of baggerspecie) van het Bal staan de betreffende regels en eisen.
De andere bepalingen uit het Besluit bodemkwaliteit van vóór de Omgevingswet, de zogenaamde niet- plaatsgebonden regels, blijven – in een sterk uitgeklede versie - in het Besluit bodemkwaliteit onder de Omgevingswet. Het gaat om regels die zich richten tot de producent, importeur, transporteur, handelaar van bouwstoffen en de regels die zich richten tot degene die onderzoeken verrichten en milieuverklaringen afgeven voor bouwstoffen, grond en baggerspecie). Ook blijven de regels voor de kwaliteitsborging (voorheen kwalibo-regels genoemd) in het Besluit bodemkwaliteit onder de Omgevingswet.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2
Artikel 4.2.2
Besluit bodemkwaliteit onder de Omgevingswet
Onderdeel van Nota bodembeheer