**1..** Burgers kunnen in een vergadering maximaal vijf minuten het woord voeren over onderwerpen die geagendeerd zijn op de voorliggende raadsagenda. Spreekrecht is niet mogelijk over onderwerpen waarover formele inspraakprocedures op grond van speciale wettelijke regelingen, of bezwaar- en beroepsprocedures gaande zijn of al afgerond zijn. Ook is het niet mogelijk in te spreken over hetzelfde onderwerp waar de inspreker al bij een commissievergadering gebruik heeft gemaakt van het inspreekrecht.
**2..** Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten minste 24 uur voor aanvang van de vergadering aan de raadsgriffier onder vermelding van zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wenst te voeren.
**3..** De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding, tenzij afwijking van die volgorde in het belang is van de orde van de vergadering.
**4..** De inspreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de vergadering toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering.
**5..** Voor alle sprekers gezamenlijk is maximaal dertig minuten spreektijd gereserveerd. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.
**6..** De voorzitter of een lid van de raad doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de inspreker.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.
Artikel 14.
Spreekrecht burgers
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad Voorne aan Zee 2023, 1ste wijziging