Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Voorwaarden Persoonlijke ondersteuning/job coaching

Onderdeel van Beleidsregels Werkgevers- job coaching Participatiewet gemeente Lingewaard 2023-1

1.. De aanvraag tot begeleiding dient binnen een maand na aanvang van de proefplaatsing of het dienstverband schriftelijk ingediend te worden bij het college met behulp van een daartoe door het college beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 2.. Bij de aanvraag tot begeleiding overlegt de werkgever: naam, adres, woonplaats en burgerservicenummer van de persoon ten behoeve van wie het begeleidingsbudget voor persoonlijke ondersteuning wordt gevraagd; naam, adres, woonplaats van de werkgever; naam, adres, woonplaats van de coach(organisatie); een uittreksel uit het jobcoachregister en een afschrift van het jobcoachcertificaat; een afschrift van de overeenkomst waaruit de aard, de duur en de omvang van het dienstverband of de proefplaatsing blijken; en een schriftelijke verklaring, ondertekend door de werknemer, inhoudende dat de werknemer zich akkoord verklaard met de persoonlijke ondersteuning waarvoor een begeleidingsbudget wordt gevraagd. Het college kan bepalen dat ook andere bescheiden, dan wel nadere informatie worden overgelegd. 3.. De werkgever is verplicht: tot het voeren van een goede administratie over de aan de begeleidingsactiviteiten verbonden inkomsten en uitgaven; tot het afleggen van rekening en verantwoording over de begeleidingsactiviteiten en de daaraan verbonden inkomsten en uitgaven; uit eigen beweging het college onverwijld schriftelijk mededeling te doen van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed zijn op de hoogte en de duur van het begeleidingsbudget. 4.. Binnen een maand na afloop van het tijdvak waarvoor het begeleidingsbudget is verstrekt, overlegt de werkgever ten behoeve van de vaststelling van de begeleiding: bewijsstukken waaruit het voortduren van het dienstverband of de proefplaatsing, dan wel het eindigen van het dienstverband of de proefplaatsing en de daaruit voortvloeiende verplichtingen blijkt; bewijsstukken waaruit blijkt op welke wijze de coach begeleiding heeft geboden in het werkproces aan de hand van de gestelde leerdoelen; bewijsstukken waarin de werkgever rekening en verantwoording aflegt over de aan de begeleidings activiteiten verbonden inkomsten en uitgaven. 5.. Het college stelt de begeleidingsvergoeding binnen twee maanden na afloop van het tijdvak waarvoor het begeleidingsbudget werd verleend ambtshalve vast. 6.. Het college stelt de definitieve begeleidingsvergoeding vast op basis van de feitelijke duur van het dienstverband of de proefplaatsing en/of feitelijk gewerkte uren van de te begeleiden persoon en aan de hand van een door de werkgever gegeven financiële verantwoording. 7.. De beschikking tot de begeleidingsvergoeding stelt het bedrag van de ondersteuning vast en geeft aanspraak op betaling van het vastgestelde begeleidingsbedrag onder gelijktijdige verrekening van de verstrekte voorschotten. 8.. Het vastgestelde bedrag dat resteert na verrekening van de voorschotten met de vastgestelde begeleidingsvergoeding, zal binnen twee maanden na de vaststelling hiervan worden betaald.

Rechtspraak bij dit artikel