Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 33.

Schriftelijke vragen en inlichtingen

Onderdeel van Reglement van orde gemeenteraad 2023

1.. Raadsleden dienen schriftelijke vragen en/of verzoeken om inlichtingen aan het college of de burgemeester in bij de griffier. Bij de vragen en/of verzoeken wordt aangegeven, of schriftelijke of mondelinge beantwoording wordt verlangd. 2.. De griffier brengt de vragen en/of verzoeken om inlichtingen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden, het college en de burgemeester. 3.. Schriftelijke beantwoording dan wel het schriftelijk verstrekken van de gevraagde inlichtingen vindt zo spoedig mogelijk plaats, doch in ieder geval binnen dertig kalenderdagen nadat de vragen respectievelijk verzoeken zijn binnengekomen. Indien beantwoording van de vragen en/of de verstrekking van gevraagde inlichtingen niet binnen deze termijn kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college of de burgemeester de gemeenteraad hiervan gemotiveerd en schriftelijk in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Mondelinge beantwoording van vragen en/of mondelinge verstrekking van inlichtingen vindt plaats in de eerstvolgende raadsvergadering, tenzij de beantwoording en/of het verstrekken van inlichtingen niet in de eerstvolgende raadsvergadering kan plaatsvinden. In dat geval stelt het verantwoordelijk lid van het college of de burgemeester de gemeenteraad hiervan gemotiveerd en schriftelijk in kennis, waarbij wordt aangegeven in welke raadsvergadering de mondelinge beantwoording en/of mondelinge verstrekking van inlichtingen zal plaatsvinden. 4.. De schriftelijke antwoorden en inlichtingen van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de leden van de raad ter beschikking gesteld. 5.. De vragensteller kan, bij mondelinge beantwoording en/of het mondeling verstrekken van inlichtingen in dezelfde raadsvergadering, nadere inlichtingen vragen omtrent het door de burgemeester of door het college gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.

Rechtspraak bij dit artikel