Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Medewerking en kosten

Onderdeel van Beleidsregels Krediethypotheek 2023 gemeente Albrandswaard

1.. Bij verlening van bijstand in de vorm van een geldlening vanaf € 5.000,00 kan aan een belanghebbende die eigenaar is van een door hemzelf of zijn gezin bewoonde woning met bijbehorend erf, de verplichting worden opgelegd dat belanghebbende meewerkt aan de vestiging van hypotheek of het stil pandrecht. 2.. De kosten verbonden aan de hypotheekakte, de inschrijving van de hypotheek, de pandovereenkomst en bijkomende kosten verbonden aan het vestigen van zekerheid, komen ten laste van de belanghebbende. Belanghebbende kan voor deze kosten in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. Toelichting Lid 1: Wordt algemene bijstand aan een eigenaar van een woning verstrekt, dan zal altijd moeten worden beoordeeld of de bijstand in de vorm van een geldlening moet worden verstrekt (artikel 50 Pw). Als dit het geval is kan het college aan de bijstandsverlening de voorwaarde verbinden dat belanghebbende moet meewerken aan de vestiging van hypotheek of het stil pandrecht. Het college mag dit doen op grond van artikel 48 lid 3 Pw. We stellen hierbij een leenbedrag van € 5.000,00 als richtlijn om een vestiging van een krediethypotheek te overwegen. Uiteraard blijft het in alle gevallen een overweging op basis van de individuele omstandigheden. Weigert een belanghebbende medewerking aan de vestiging van hypotheek of het stil pandrecht, dan kan de in de vorm van een geldlening verleende bijstand direct worden teruggevorderd op grond van artikel 58 lid 2 onderdeel b Pw. Lid 2: De kosten verbonden aan het vestigen van een krediethypotheek of pandrecht komen ten laste van belanghebbende. Zo is voor het vestigen van een krediethypotheek of pandrecht een beëdigde notaris nodig. De bijstandsgerechtigde is vrij in zijn keuze welke notaris hij wil inschakelen. In de akte moet onder andere het maximale bedrag van de krediethypotheek of verpanding worden opgenomen, de aflossings- en rentebepalingen, de gestelde zekerheden, de nadere verplichtingen, de gebruikelijke hypotheekbedingen en de hoofdelijke aansprakelijkheid. Deze akte of overeenkomst moet vervolgens ingeschreven worden in de registers. Aan al deze handelingen zijn kosten verbonden. Deze aan de vestiging van krediethypotheek of verpanding gerelateerde kosten moeten in principe door belanghebbende zelf betaald worden. Is belanghebbende daartoe niet in staat, dan kan daarvoor bijzondere bijstand worden aangevraagd. De bijzondere bijstand wordt ‘om niet’ verleend, omdat uit artikel 48 lid 2 Pw volgt dat deze bijzondere bijstand niet in de vorm van een geldlening kan worden verstrekt. Bijzondere bijstand wordt niet toegekend als sprake is van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid in de bestaansvoorziening of indien sprake is van binnenkort te ontvangen middelen om in het bestaan te voorzien. De hoogte van de geldlening wordt berekend aan de hand van: het in de woning gebonden vermogen; de extra vermogensvrijlating van artikel 34 lid 2 onderdeel d Pw. Is de maximale hoogte van de als geldlening verstrekt als bijstand (volgestort), dan wordt de bijstandsverlening in principe verleend om niet. Als een woning in waarde is gestegen, is het niet mogelijk deze waardestijging mee te nemen in de omvang van de bijstand die in de vorm van geldlening wordt verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel