Bij een plotseling optredend woonprobleem wordt beoordeeld wat de goedkoopst adequate oplossing is. Wanneer dit verhuizen is, wordt bij voorkeur het verhuisprimaat toegepast.
Factoren die meewegen bij het al dan niet toepassen van het verhuisprimaat:
De kosten voor een woningaanpassing;
Financiële consequenties van een verhuizing voor het gezin;
Sociale omstandigheden, zoals de beschikbaarheid van mantelzorg;
Sociale en psychische omstandigheden van belanghebbende;
De aangeboden woning moet aansluiten bij de omstandigheden qua gezinssamenstelling, inkomen, leeftijd en dergelijke van de cliënt;
Redenen voor het niet toepassen van een verhuisprimaat kunnen zijn:
De kosten voor de woningaanpassing bedragen minder dan het normbedrag voor een verhuiskostenvergoeding, genoemd in het Financieel Besluit);
De gevolgen van een verhuizing (dus niet de verhuizing zelf) zijn voor het gezin financieel niet op te brengen;
Er is mantelzorg beschikbaar in de oude woning en die komt in gevaar bij een verhuizing;
Tijdelijke huisvesting en huurderving
In uitzonderlijke situaties is het niet mogelijk om de woning te bewonen tijdens het aanpassen. Dubbele woonlasten worden vergoed als deze niet te vermijden zijn en te maken hebben met het aanpassen van de woning. In de regel worden deze kosten nooit langer dan 6 maanden vergoed.
Huurderving is bedoeld als vergoeding voor de verhuurder om een aangepaste woning niet direct te verhuren, maar eerst te kijken of er iemand is die een aangepaste woning nodig heeft.
Artikel 5.3
Het verhuisprimaat
Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp en Maatschappelijke ondersteuning gemeente Heerde 2023