**1..** Als ondersteuning noodzakelijk is voor de zelfredzaamheid en participatie van een inwoner zal allereerst gekeken worden waaruit de vervoersbehoefte van de belanghebbende bestaat. Het analyseren van het verplaatsingsgedrag (waarom, waarheen, frequentie, wijze van verplaatsen) vormt de input voor de vervoersbehoefte. Dit betekent niet dat iedere wens gehonoreerd wordt. Er wordt een afweging gemaakt tussen de vervoersbehoefte en de goedkoopst adequate oplossing.
**2..** Een tegemoetkoming meerkosten is alleen aan de orde bij ernstige beperkingen, waarbij gedacht kan worden aan sociaal/psychische factoren ten gevolge waarvan de privacy of de veiligheid van de inwoner of, bij een vervoersvoorziening, zijn medepassagier(s) niet is gegarandeerd, zoals:
Privacygevoelige zaken die een extreme schaamte of gêne ten gevolge hebben voor de inwoner;
Extreme gedragsstoornissen;
Extreme fobieën, die ook na uitvoerige therapeutische behandeling niet zijn verholpen.
**3..** De tegemoetkoming kan aangewend worden voor een vergoeding voor het gebruik van een (rolstoel)taxi of het gebruik van de eigen, bruikleen- of leaseauto (alleen mogelijk als er voor het vervoersprobleem een auto aangeschaft moet worden).
**4..** Autoaanpassingen: naast alle voorwaarden die gelden voor een maatwerkvoorziening vervoer, gelden de volgende aanvullende voorwaarden:
De aan te passen auto is niet ouder dan 7 jaar;
De inwoner gebruikt zijn eigen (gezins-)auto regelmatig (bijna dagelijks) voor deelname aan het maatschappelijk verkeer;
De beoordeling of een inwoner met een beperking in staat is om op een veilige manier met een auto deel te nemen aan het verkeer wordt gedaan door het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR). Via de afdeling aanpassingen van het CBR wordt advies gegeven over de noodzakelijke technische aanpassingen om de auto veilig te kunnen besturen. De kosten voor dit advies komen voor de rekening van de inwoner;
Vergoeding voor aanpassing wordt maximaal eens in de 7 jaren verstrekt; d.w.z. dat bij inruil van de auto binnen deze periode de nieuwe auto niet opnieuw wordt aangepast;
Alleen medische veranderingen kunnen leiden tot een voorziening binnen deze termijn. Hierbij geldt het maximumbedrag voor 7 jaar ten opzichte van een tegemoetkoming voor vervoer in taxi of rolstoeltaxi;
Als niet aannemelijk is dat de autoaanpassing voor 7 jaar adequaat is, wordt het maximumbedrag voor de tegemoetkoming aangepast aan het verwachte aantal jaren;
Een inwoner moet in toereikende mate verzekerd zijn in geval van diefstal van of schade aan de auto.
**5..** Algemene voorwaarden voor verstrekking van een voorziening voor lokale verplaatsingen:
De voorziening speelt een belangrijke rol in het dagelijkse verplaatsingspatroon en niet slechts incidenteel (bijvoorbeeld alleen bij mooi weer);
De inwoner beschikt over voldoende rijvaardigheid en verkeersinzicht;
De inwoner is in staat zorg te dragen voor dagelijks onderhoud van de voorziening;
Er is voldoende garantie voor veilige, droge en vorstvrije stalling/berging van de voorziening.
**6..** Criteria en voorwaarden voor verstrekking van een scootmobiel zijn:
Onvoldoende fysieke mogelijkheden om van een voorliggende (goedkopere) voorziening gebruik te maken;
De dagelijkse verplaatsingsdoelen kunnen niet lopend worden overbrugd;
Het vervoer per scootmobiel speelt een belangrijke rol in het dagelijks leven van de inwoner;
Het is mogelijk om de scootmobiel te stallen en op te laden (dan wel dit te realiseren);
Door middel van rijlessen, onder leiding van een ergotherapeut, is de rijvaardigheid beoordeeld en is gebleken dat er veilig gebruik kan worden gemaakt van de scootmobiel.
**7..** Criteria om in aanmerking te komen voor een driewielfiets zijn:
De inwoner heeft onvoldoende fysieke mogelijkheden om op een tweewielfiets te kunnen fietsen;
Fietsen op een tweewielfiets vraagt zoveel concentratie dat er onvoldoende aandacht aan het verkeer kan worden besteed;
De aanvrager is een jong kind in ontwikkeling voor wie het fietsen op een “speel” driewielfiets uit de reguliere handel niet mogelijk is. De driewielfiets wordt dan gezien als speel-/vervoermiddel in en om de woning en niet als voorziening voor lokale verplaatsing op korte en middellange afstanden.
**8..** Criteria en voorwaarden voor het verstrekken van een rolstoelfiets zijn:
De inwoner is niet in staat om met behulp van een meer zelfstandige voorziening voor lokale verplaatsing (driewielfiets of tandem) in de vervoersbehoefte op korte of middellange afstand te voorzien;
Er is een begeleider aanwezig, die met de rolstoelfiets en het aankoppelstuk voor de rolstoel overweg kan.
**9..** Criteria en voorwaarden voor verstrekking van handbike zijn:
De inwoner is voor de verplaatsing afhankelijk van het gebruik van een rolstoel;
Er is onvoldoende beenfunctie aanwezig om zich fietsend te verplaatsen;
Er is voldoende arm-/handfunctie aanwezig om zich fietsend met behulp van handaandrijving te verplaatsen.
**10..** Criteria en voorwaarden voor verstrekking van rolstoelscooters zijn:
De inwoner is volledig rolstoel gebonden;
De inwoner is niet in staat veelvuldige transfers te maken vanuit de rolstoel op een ander vervoermiddel;
De inwoner heeft onvoldoende motorische mogelijkheden om van een voorliggende (goedkopere) voorziening, zoals de handbike, gebruik te maken;
De inwoner heeft een dermate intensief verplaatsingspatroon dat vervoer per rolstoeltaxi niet als adequaat kan worden beschouwd.
**11..** Accessoires aan vervoersvoorzieningen worden alleen verstrekt wanneer deze medisch noodzakelijk zijn en niet als gebruikelijk worden beschouwd.
Artikel 6
Maatwerkvoorziening zich lokaal kunnen verplaatsen
Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp en Maatschappelijke ondersteuning gemeente Heerde 2023