Naar hoofdinhoud
1.. De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen; 2.. Wanneer de commissie besluit af te zien van het horen, deelt hij dat aan de belanghebbenden en het bestuursorgaan mee.

Rechtspraak bij dit artikel