Naar hoofdinhoud

Afdeling V:

Artikel 9:

Afvloeiend hemelwater

Onderdeel van Rioolaansluitverordening gemeente Utrechtse Heuvelrug

1.. De afvoer van hemelwater geschiedt op eigen terrein van degene die zich daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen, tenzij redelijkerwijs niet kan worden gevergd het afvloeiend hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen. 2.. Indien het afvloeiend hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater wordt gebracht wordt daarmee de kwaliteit van de ontvangende bodem of het ontvangende oppervlaktewater niet verminderd. 3.. Indien het afvloeiend hemelwater niet op of in de bodem of in het oppervlaktewater kan worden gebracht, maar wordt afgevoerd via het gemeentelijk rioolstelsel, dan belemmert het de doelmatige inzameling en afvoer van het gemeentelijk rioolstelsel niet. Er dient in dit geval altijd gescheiden aangeboden te worden.

Rechtspraak bij dit artikel