Uitgangspunten bij reserves en voorzieningen
Het beleid met betrekking tot reserves en voorzieningen is door de gemeenteraad vastgesteld in de “Nota reserves en voorzieningen”.
Reserves en voorzieningen zijn een belangrijk onderdeel in de totale beheersing van de grondexploitaties. Alle financiële consequenties van de activiteiten binnen de grondbedrijfsfunctie worden met elkaar in verband gebracht en vertaald in een meerjarige staat van reserves en voorzieningen. Daarmee wordt een meerjarig beeld geschapen van de prestatie van de portefeuille, inclusief alle risico’s. Uitgangspunt is dat binnen de grondbedrijfsfunctie alle mogelijke financiële tegenvallers en negatieve resultaten primair worden gedekt door activiteiten met een voordelig saldo.
Het stelsel van reserves en voorzieningen van de grondbedrijfsfunctie bestaat uit:
de Reserve Grondbedrijf;
eventuele voorzieningen ter afdekking van nadelige resultaten van projecten.
De Reserve Grondbedrijf (RGB)
De reserve bouwgrondexploitaties heeft als doel de risico’s opvangen van de diverse grondexploitaties. De gemeente voedt de reserve met winsten uit grondexploitaties. De raad besloot dat de reserve een minimale omvang heeft van 20% van de waarde van de bouwgronden. De maximale omvang bedraagt 25% van de waarde van de bouwgronden.
Voorzieningen grondbedrijfsfunctie
Een voorziening binnen de grondbedrijfsfunctie dient voor de dekking van een geprognosticeerd verlies bij afsluiting van een complex. De voorziening dient voldoende middelen te bevatten om het gehele verlies te kunnen afdekken. Een dergelijke voorziening wordt gevormd ten laste van de RGB. Mutaties van deze voorziening als gevolg van herberekening gaan eveneens ten laste of ten gunste van de RGB. Voor ieder complex met een geprognosticeerd verlies wordt een afzonderlijke voorziening ingesteld. Jaarlijks wordt op basis van de herziening van de grondexploitatieberekeningen de noodzakelijke omvang van de voorzieningen opnieuw bepaald.
Beleidslijn 25: reserves en voorzieningen
De beleidslijn is dat binnen de grondbedrijfsfunctie alle mogelijke financiële tegenvallers en negatieve resultaten primair worden gedekt door activiteiten met een voordelig saldo. Daarvoor is de Reserve Grondbedrijf (RGB) ingesteld, die het karakter van een vereveningsreserve heeft. Het onttrekken van middelen uit de grondbedrijfsfunctie kan enkel plaatsvinden door het afromen van de RGB. Daartoe dienen ook in meerjarig perspectief voldoende middelen in de RGB voorhanden te zijn. De minimale omvang van de RGB is vastgesteld op 20 % van de totale boekwaarde van de verschillende complexen. De reserve kan en mag niet negatief zijn.
Hoofdstuk 7. › Paragraaf 7.2
Artikel 7.2.6
Reserves en voorzieningen
Onderdeel van Achtergronddocument Grondbeleid Medemblik