Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7. › Paragraaf 7.2

Artikel 7.2.8

Vennootschapsbelasting

Onderdeel van Achtergronddocument Grondbeleid Medemblik

Uitgangspunten bij vennootschapsbelasting Per 1 januari 2016 geldt de Vpb-plicht voor gemeenten. Gemeenten dienen vennootschapsbelasting te betalen indien aan een aantal criteria wordt voldaan. Fiscale winstbepaling voor grondexploitaties voor bouwgrond in exploitaties. Indien het hier lopende (operationele) complexen betreft waarbij grond en eventueel aanwezige opstallen worden omgevormd naar bouwgrond die wordt verkocht of in erfpacht uitgegeven De gemeente wordt dan als “organisatie van kapitaal en arbeid” als ondernemer voor Vpb aangemerkt en alle daarmee samenhangende opbrengsten en kosten worden dan in fiscale winstbepaling betrokken. (ontleend aan de notitie van de Commissie BBV ‘Grondbeleid in begroting en jaarstukken’ (2019), bijlage 7 vennootschapsbelasting) Beleidslijn 27: vennootschapsbelasting De beleidslijn is dat, in het kader van de Vpb-plicht, periodiek wordt gecontroleerd of de gemeente voor de grondbedrijfsfunctie nog Vpb-plichtig is.

Rechtspraak bij dit artikel