Naar hoofdinhoud

Artikel 1:

Begripsbepalingen

Onderdeel van Budgethoudersregeling gemeente Dronten 2023

delegeren: het overdragen van bevoegdheden, inclusief de verantwoordelijkheid. mandateren: het overdragen van bevoegdheden zonder verantwoordelijkheid. mandatering: het aanwijzen van personen voor het doen van verrichtingen. financiële administratie: het systematisch tijdig, juist en volledig verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de gemeente Dronten en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. financiële beheersing: het rechtmatig, doeltreffend en doelmatig handelen op het geheel van inkomsten en uitgaven en de beleidsmatige kant van een raadsprogramma, taakveld en of project. programma: Een programma is een geheel van activiteiten om de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken. taakveld: de som van diverse activiteiten om te komen tot een voorgenomen resultaat dat binnen een programma leidt tot een prestatie. Tevens is dit het beheers- en verantwoordingsniveau van het college en de directeur en teammanagers. Het college behoudt de vrijheid om de taakvelden te ordenen naar de programma’s van de raad. De taakvelden worden voorgeschreven in de financiële regelgeving (BBV). kostencategorie: of kostensoort. De totale kosten kunnen onderverdeeld worden in verschillende kostensoorten. Enkele voorbeelden zijn salariskosten, afschrijvingen, drukwerk etc. budget: de middelen die via de programmabegroting zijn toegekend voor het realiseren van een samenhangend geheel van doelstellingen, resultaat- en prestatieafspraken. Het betreft zowel middelen voor de exploitatie als voor investeringsbudgetten en grondexploitaties. college: het college van burgemeester en wethouders (B&W) van de gemeente Dronten. teammanager: leidinggevende van een organisatorische eenheid (team) binnen de gemeente Dronten. opgaveleider: de medewerker die als gevolg van een schriftelijke mandatering de taak van budgethouder vervult bij een projectmatig uit te voeren activiteit of een specifiek doel uitvoert. budgethouder: een door het college c.q. directeur en teammanagers aangewezen medewerker van de gemeente aan wie middelen zijn toegekend in de vorm van exploitatiebudgetten of investeringsbudgetten en aan wie het (onder-)mandaat is toegekend bestedingen te verrichten ten laste van de aan hem toegekende exploitatiebudgetten en investeringsbudgetten. De budgethouder wijst voor zijn budgetten de budgetbeheerders aan en zorgt ook voor vervanging bij diens afwezigheid. budgetbeheerder: de medewerker wordt door de budgethouder aangewezen. De budgetbeheerder heeft als taak, de prestatie die gefactureerd wordt, te beoordelen op juistheid ten aanzien van geleverde hoeveelheid, prijs en kwaliteit om de beoogde doelstelling te behalen. investering: van een investering is sprake als het gaat om een, meestal qua omvang wat grotere, uitgave waarvan het nut zich over meerdere jaren uitstrekt. investeringsbudget: dit budget is niet direct binnen de exploitatie te vinden en kan over meerdere jaren lopen. De werkelijk gerealiseerde kosten worden geactiveerd. Over deze geactiveerde kosten wordt vervolgens afgeschreven. Deze kapitaallasten (afschrijving en rente) zijn vertaald in de exploitatie. reserve: een reserve is eigen vermogen, er zijn twee soorten reserves namelijk de algemene reserve en de bestemmingsreserve. De raad bepaalt waarvoor een bestemmingsreserve wordt aangelegd en bepaalt ook de hoogte en inzet van de reserves. voorziening: een voorziening is vreemd vermogen. Het betreft uitgaven die in de toekomst moeten worden gedaan en waarvan het moment en omvang redelijk in te schatten is. Waarvoor een voorziening moet worden getroffen is bepaald in de financiële regelgeving (BBV). verplichting: Een verplichting is een plicht of verantwoordelijkheid om op bepaalde manier te handelen of te presteren jegens een derde.

Rechtspraak bij dit artikel