1. Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.
2. Voor openstaande vorderingen betreffende:
a. onroerende zaakbelasting;
b. rioolheffing;
f. afvalstoffenheffing, en
g. bijstandsverstrekking,
wordt, met uitzondering van individuele vorderingen groter dan € 50.000, een voorziening wegens oninbaarheid gevormd ter grootte van het historische percentage van oninbaarheid.
3. Vorderingen en schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
4. Voor openstaande vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd volgens de methodiek zoals vermeld in de bijlage waardering dubieuze debiteuren bij deze verordening.
5. In afwijking van het derde en vierde lid worden vorderingen en schulden van openbare lichamen niet betrokken in de berekening van de voorziening voor oninbare vorderingen.
Artikel 15.
Voorziening voor oninbare vorderingen
Onderdeel van Financiële verordening gemeente Westerveld 2023 (artikel 212 Gemeentewet)