Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 15

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening jeugdhulp 2023 Gemeente Gilze en Rijen

1.. Indien de jeugdige het wenst, verstrekt het college een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1 van de wet. 2.. Vastgesteld is dat ouders, al dan niet met hulp uit hun sociale netwerk dan wel van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde, in staat zijn tot een redelijke waardering van hun belangen, en in staat zijn om de rechten en plichten die zijn verbonden aan het pgb op een verantwoorde manier uit te voeren. 3.. Als een jeugdige of ouder in aanmerking komt voor een individuele voorziening, maar de ondersteuning zelf wenst in te kopen door middel van een pgb, dient hij daartoe een budgetplan in volgens een door het college ter beschikking gesteld format. In het budgetplan is opgenomen: De motivatie waarom het zorg in natura aanbod van de gemeente niet passend is en een pgb gewenst is. De te treffen individuele voorziening en het beoogde doel. De voorgenomen uitvoering inclusief uitvoerder en kosten vastgelegd in het budgetplan. De kwalificaties van de uitvoerder. 4.. De volgende voorwaarden zijn van toepassing op de berekening en de hoogte van het pbg: de hoogte van het pgb wordt bepaald aan de hand van een door de jeugdige en/of zijn ouders opgesteld budgetplan over hoe zij het pgb gaan besteden; de hoogte van het pgb is toereikend om een veilige, doeltreffende en kwalitatief goede jeugdhulp in te kopen; de hoogte van het pgb bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate individuele voorziening in natura; het college houdt bij de vaststelling van de hoogte van het pgb rekening met het feit of er sprake is van formele hulp of informele hulp; bij de differentiatie van tarieven zoals genoemd in het vierde lid, sub d, wordt onderscheid gemaakt tussen formele jeugdhulpaanbieders die aan de kwaliteitseisen voldoen enerzijds en hulpverleners uit het sociale netwerk van de jeugdige en ouders (informele zorgverleners) anderzijds; voor de inzet van formele zorgverleners wordt maximaal 90% van de hoogte van het pgb-tarief van de goedkoopste individuele voorziening in natura toegekend; van sub f kan worden afgeweken als in het individuele geval blijkt dat de hoogte van het pgb-tarief niet voldoet aan het gestelde in sub b; in nadere regels worden de tarieven die gebruikt worden voor alle toe te kennen voorzieningen in pgb genoemd. 5.. Jaarlijks per 1 januari kan indexering plaatsvinden van de tarieven, met uitzondering van het kilometertarief en als er sprake is van kostprijsvergoeding. De indexering voor formele zorg bedraagt hetzelfde percentage als de indexering van de tarieven Zorg in Natura, die wordt gebruikt voor de inkoop van jeugdhulp. 6.. De persoon aan wie een pgb wordt verstrekt, kan de jeugdhulp onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk (informele hulp): voor persoonlijke verzorging en begeleiding; dat deze persoon maximaal het op grond van de Wet langdurige zorg geldende pgb-uurtarief voor hulp van niet-professionele zorgverleners krijgt betaald voor zijn diensten; dat deze persoon heeft aangegeven dat de zorg aan belanghebbende voor hem niet tot overbelasting leidt; bij de inzet van een persoon uit het sociale netwerk kan door het college advies opgevraagd worden bij een extern bureau over de passendheid van deze inzet en de informeel zorgverlener. 7.. Indien de jeugdhulp wordt geboden door een bloed- of aanverwant in de eerste of tweede graad van de budgethouder, is altijd sprake van informele hulp. 8.. Bij jeugdhulp die wordt verleend op basis van een verklaring als bedoeld in artikel 8ab lid 1 Regeling Jeugdwet bedraagt het pgb: de maximale hoogte van de tegemoetkoming per kalendermaand voor een hulp uit het sociaal netwerk zoals opgenomen in artikel 8ab lid 1 van de Regeling Jeugdwet, tenzij op basis van het budgetplan van de cliënt kan worden volstaan met een lagere tegemoetkoming. 9.. Gewaarborgd is dat de voorziening die met het pgb betaald wordt, van goede kwaliteit is. 10.. De jeugdhulpaanbieder dient te voldoen aan de kwaliteitseisen zoals opgenomen in hoofdstuk 4 van de Jeugdwet. 11.. Het college kan een pgb weigeren indien aan de jeugdige en/of zijn ouders in de afgelopen jaren, voorafgaand aan de datum van het onderzoek, een pgb is verleend en waarbij de door jeugdige of zijn ouders niet is voldaan aan de voorwaarden en de resultaten van het pgb. 12.. De volgende kosten zijn uitgesloten voor vergoeding vanuit een pgb. kosten voor bemiddeling; kosten voor tussenpersonen of belangenbehartigers; kosten voor het voeren van een pgb-administratie; kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb; kosten voor feestdagenuitkering en een eenmalige uitkering. 13.. Om de afspraken tussen jeugdhulpaanbieder en de jeugdige en/of ouders vast te leggen wordt verplicht gebruik gemaakt van de formats van de Sociale Verzekeringsbank (SVB). 14.. Het college kan al dan niet steekproefgewijs, de bestedingen van pgb’s onderzoeken vanuit het oogpunt van kwaliteit, rechtmatigheid en doelmatigheid. 15.. Het college kan nadere regels pgb vaststellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel