Indien burgemeester en wethouders op grond van de toetsing van
het advies van de commissie van oordeel zijn dat feiten en
omstandigheden nopen tot het afwijken van het advies, maken zij
alvorens hieromtrent een beslissing te nemen, hun standpunt
gemotiveerd kenbaar aan de commissie.
Indien een omstandigheid zich voordoet als bedoeld in het vorige
lid van dit artikel, bieden burgemeester en wethouders de
commissie de gelegenheid binnen een door hen te stellen termijn
haar gevoelen hieromtrent kenbaar te maken.
Hoofdstuk
Artikel 20