In paragraaf 4.1 werden al enkele instrumenten genoemd via welke het college verantwoording aflegt en de raad stuurt: planning- en control cyclus, budgetrecht en de wensen en bedenkingenprocedure. Met deze nota introduceren wij enkele nieuwe instrumenten waarmee de positie van de raad wordt versterkt en waarmee een sterker fundament wordt gelegd voor richtinggevende keuzes in het vastgoeddomein:
Allereerst is dat de periodieke vaststelling van een nota vastgoedbeleid. In de nota vastgoedbeleid formuleert de raad periodiek de hoofdrichting ten aanzien van de ontwikkeling van de portefeuille en de in het vastgoeddomein relevante uitgangspunten en werkwijzen. Het college en in het verlengde daarvan de ambtelijke organisatie werken binnen de kaders van deze nota.
Op deelterreinen kan de raad sectoraal beleid vaststellen. Als belangrijk voorbeeld kan gedacht worden aan de op te stellen Routekaart Gemeentelijk Maatschappelijk Vastgoed waarmee de verduurzamingsopgave geconcretiseerd wordt.
Ter versterking van de verantwoording van het college aan de raad wordt de paragraaf kapitaalgoederen substantieel uitgebreid en verdiept. In de huidige paragraaf gaat het vooral over de onderhoudskosten van het gemeentelijk vastgoed, en niet of zeer beperkt over de andere exploitatielasten, de kapitaallasten en relevant (sectoraal) beleid. En daarmee geeft de paragraaf dus geen integraal inzicht in de beleids- en beheersmatige aspecten, ontwikkelingen en risico’s van het gemeentelijk vastgoed. Integraal inzicht dat wenselijk is omdat de lasten en baten van het vastgoed verspreid in de begroting en rekening aan de orde komen. In bijlage 4 is een inhoudsopgave voor deze paragraaf kapitaalgoederen opgenomen.
In de tussentijdse rapportages van de planning- en control cyclus worden risico’s die zich voordoen in de vastgoedportefeuille of in transacties actief gemeld.
Waar gewenst en zinvol organiseert het college themabijeenkomsten om de raad te informeren over ontwikkelingen in het vastgoeddomein.
Het periodiek door het college vast te stellen portefeuilleplan – dat wordt gedeeld met de raad – beschrijft de uitkomsten van de vraag- en aanbodinventarisatie en dus ook de financiële staat van de portefeuille en de maatschappelijke score. Het gewenste toekomstbeeld voor de vastgoedportefeuille voor de langere termijn wordt beschreven en de concrete acties per object voor de kortere termijn (toekomstperspectief per object).
Uitgangspunt 16: De bestaande instrumenten van sturing en verantwoording worden blijvend ingezet. Daarnaast wordt de raad meer in control gebracht door de vaststelling van de nota vastgoedbeleid en door uitbreiding en verdieping van de informatie in de paragraaf kapitaalgoederen. In de tussentijdse rapportages worden mogelijke risico’s in het vastgoeddomein actief gemeld.