De Omgevingswet vraagt van de overheid een integrale benadering van vergunningverlening, toezicht en handhaving binnen de fysieke leefomgeving. Het transparant formuleren en uitvoeren van een uitvoeringsprogramma is daarbij een belangrijke opgave. Landelijk zijn kwaliteitscriteria ontwikkeld voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. Met deze kwaliteitscriteria wordt de kwaliteit van de processen, de uitvoeringsorganisatie en haar medewerkers geborgd.
De kwaliteitscriteria zijn opgebouwd uit twee delen, (1) de kritieke massa (deskundigheid en ervaring) en (2) de procescriteria. De procescriteria beschrijven de eisen die gesteld worden aan de sluitende beleidscyclus. Deze beleidscyclus staat bekend als de Big 8. Het Uitvoeringsprogramma VTH heeft betrekking op de onderste cirkel van deze cyclus.
De procescriteria zijn in de Omgevingswet leidend voor strategie en uitvoering. In de Omgevingwet en het Omgevingsbesluit worden de volgende procescriteria onderscheiden: de uitvoeringsstrategie, de handhavingsstrategie, het uitvoeringsprogramma, de uitvoeringsagenda, de uitvoeringsorganisatie, de borging van middelen en de evaluatierapportage.
Elke gemeente en provincie is conform de procescriteria verplicht om een of meerdere documenten vast te stellen waarin gemotiveerd aangegeven wordt welke doelen en prioriteten er zijn gesteld en welke werkzaamheden daartoe zullen worden uitgevoerd.
We hebben ervoor gekozen om drie documenten op te stellen:
Uitvoerings- en Handhavingsstrategie (U&H-strategie): hierin zijn onder meer de doelen en prioriteiten voor de komende jaren opgenomen. Verder staan in dat document de verschillende strategieën die bij de uitvoering van de werkzaamheden worden gehanteerd.
Uitvoeringsprogramma: jaarlijks vindt een uitwerking van de U&H-strategie in het uitvoeringsprogramma plaats.
Jaarverslag: in het jaarverslag wordt jaarlijks verantwoording afgelegd over de realisatie van de in het uitvoeringsprogramma opgenomen werkzaamheden. Tevens vindt hierin een evaluatie plaats. Deze evaluatie dient als basis voor het uitvoeringsprogramma voor het volgend jaar. Ook kan de evaluatie aanleidinig geven om de U&H-strategie aan te passen.
Volgens het Omgevingsbesluit moet het uitvoeringsprogramma tenminste de volgende onderdelen bevatten:
een duidelijke verbinding met de gestelde doelen en prioriteiten (zie hoofdstuk 3);
een weergave van welke werkzaamheden het komende jaar zullen worden verricht (zie hoofdstuk 4);
(zonodig) afstemming met instanties die zijn belast met strafrechtelijke handhaving.