1. de erfmolen dient:
a. een neutrale kleurstelling, bijvoorbeeld lichtgrijs of lichtgroen, te krijgen en mag niet reflecterend zijn;
b. een minimale ashoogte van 20 meter en een maximale ashoogte van 25 meter te hebben;
c. te beschikken over drie wieken;
d. te beschikken over een horizontale as;
2. de erfmolen dient binnen één eigendom geplaatst te worden en:
a. binnen het bouwvlak of het daarbij horende bouwperceel, indien er een duidelijke ruimtelijk eenheid wordt gevormd met de overige bebouwing en beplanting op het erf en de omgeving;
b. op het achtererf.
Hoofdstuk 3 › § 3.2
Artikel 3.2
Artikel 3.2
Onderdeel van Beleidsregel pilot erfmolens Gemeente Westerveld