**1..** De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.
**2..** De accountant vraagt voorafgaand aan de accountantscontrole de benodigde dossierstukken schriftelijk op bij een vertegenwoordiger van de ambtelijke organisatie;
**3..** De accountant voert de controlewerkzaamheden met voorafgaande kennisgeving aan een vertegenwoordiger van de ambtelijke organisatie van de gemeente uit.
**4..** Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole vindt periodiek overleg plaats tussen de accountant, vertegenwoordigers van de gemeente en de door de raad ingestelde vertegenwoordiger(s).
**5..** Burgemeester en wethouders leggen jaarlijks de bij de controle en de oordeelsvorming te hanteren goedkeuringsnormen en toetsingscriteria voor aan de raad ter vaststelling uiterlijk voor 1 april van het te controleren jaar.
Artikel 4