In bezwaarprocedures over waardebeschikkingen op grond van de Wet waardering onroerende zaken wordt de vergoeding voor een door een deskundige opgemaakt taxatierapport gebaseerd op de in dit artikel vermelde tijdsbesteding en uurtarieven. Het taxatierapport dient te zijn opgesteld door een terzake deskundige, dan wel onder diens verantwoordelijkheid, waarvan uit de medeondertekening van het rapport moet blijken.
Bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding van een door een deskundige opgemaakt taxatierapport wordt uitgegaan van de volgende tijdsbesteding:
2 uur voor niet-inpandige woningtaxaties;
4 uur voor woningtaxaties met inpandige opname.
Bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding van een door een deskundige opgemaakt taxatierapport wordt uitgegaan van de volgende uurtarieven:
€ 53,00 exclusief BTW indien het taxatierapport betrekking heeft op een onroerende zaak die dient tot woning, welk bedrag wordt verhoogd met BTW indien de BTW op belanghebbende drukt;
€ 68,00 exclusief BTW indien het taxatierapport betrekking heeft op een onroerende zaak die niet dient tot woning en deze zaak is aan te merken als een courante niet-woning, welk bedrag wordt verhoogd met BTW indien de BTW op belanghebbende drukt;
Maximaal € 142,75 exclusief BTW indien het taxatierapport betrekking heeft op een onroerende zaak die niet dient tot woning en deze zaak is aan te merken als incourante niet-woning welk bedrag wordt verhoogd met BTW indien de BTW op belanghebbende drukt.
De in het derde lid genoemde tarieven zijn eveneens van toepassing op vergoeding van de kosten van de taxateur die aanwezig was bij het horen in de bezwaarfase. De bestede tijd wordt afgerond naar boven op halve uren. Bij meerdere behandelde zaken wordt het bedrag per zaak berekend door het op basis van het vorige lid bepaalde bedrag te delen door het aantal zaken.
De in het derde lid genoemde tarieven zijn gebaseerd op ‘Richtlijn van de belastingkamers van de gerechtshoven inzake vergoeding van proceskosten bij WOZ-taxaties, Raad voor de Rechtspraak’. Deze richtlijn is gepubliceerd in de Staatscourant van 28 mei 2018, nr 28796. Indien deze richtlijn wordt gewijzigd treden de gewijzigde bedragen automatisch in de plaats van de in het derde lid genoemde bedragen per datum inwerkingtreding van de nieuwe richtlijn.
Artikel 3.