4.1 Regels voor het plaatsen van zonnepanelen op een dak
De zonnepanelen moeten reversibel worden aangebracht. Dat betekent dat ze zonder (blijvende) schade aan het monument weer kunnen worden verwijderd;
De bestaande dakconstructie- en/of bedekking wordt niet verwijderd of beschadigd;
De zonnepanelen worden in een aaneengesloten vlak gelegd, met een regelmatige rangschikking in een geometrisch vlak;
De zonnepanelen worden bij voorkeur in dezelfde richting gelegd, binnen een staand of liggend rechthoekig vlak;
De dakvorm is leidend en blijft zichtbaar. Dat betekent dat de zonnepanelen vrij van de nok, de zijgevels en de hoeken van de dakvlakken worden gelegd;
Indien aanwezig moeten historische aanduidingen/ornamenten in het dak zichtbaar blijven;
De kleur van de zonnepanelen is zoveel mogelijk afgestemd op de kleur van het dak, zonder opvallende patronen of randen;
Indien het dak onderdeel uitmaakt van een repeterend woonblok of rij, is de plaatsing van de zonnepanelen gelijk aan die op andere delen van het woonblok of de andere gebouwen;
Wanneer het plaatsen van zonnepanelen op een dak elders, of een passende kleur geven, 10% meer kostenstijging geeft of 10% meer rendementsverlies, die alternatieve locaties of aangepaste kleur dan niet van toepassing zijn.
4.2 Het bepaalde in 4.1 geldt voor zowel zonnepanelen die zichtbaar als niet-zichtbaar zijn vanaf het openbaar toegankelijk gebied.
4.3 Het bepaalde in artikel 4.1 en 4.2 is, gelet op brandveiligheid, niet van toepassing op beschermde monumenten met een rieten dak.
Artikel 4
Criteria plaatsing zonnepanelen op beschermde monumenten of op niet-monumenten in een beschermd dorpsgezicht.
Onderdeel van Beleidsregel zonnepanelen op erfgoed in de gemeente Utrechtse Heuvelrug 2023