Bij het beoordelen van de kwaliteit wordt meegewogen of de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen in redelijkheid geschikt zijn voor het doel waarvoor het PGB wordt verstrekt.
De aanvrager maakt dit inzichtelijk door het invullen van een budgetplan waarin is vastgelegd:
wie de budgethouder is en wie de budgetbeheerder is en wat de relatie tot de budgetbeheerder is;
een beschrijving van de benodigde Wmo voorziening of dienst;
Op welke manier deze ondersteuning bijdraagt aan zijn participatie en zelfredzaamheid;
hoe de kwaliteit van de hulpverlening beoordeeld wordt.
Waar hij zijn ondersteuning zal inkopen en hoeveel er voor de ondersteuning betaald moet worden.
In het geval van een materiële voorzienig is het budgetplan niet altijd verplicht. Het sociaal team beslist of een budgetplan aangeleverd dient te worden. Bij een materiële voorziening moet er in het budgetplan ook een programma van eisen worden opgenomen met daarin afspraken over:
een verzekering;
de kosten van onderhoud en reparatie (na de garantie);
hoeveel en hoe te declareren en uit te betalen;
de kwaliteitseisen van voorziening;
een eventuele tweedehands aanschaf.
Hoofdstuk 9. › Paragraaf 9.3.
Artikel 9.3.5.
Budgetplan
Onderdeel van Nadere regels en beleidsregels maatschappelijke ondersteuning De Bilt 2023