**1..** Indien de binnen de tenderperiode ingediende volledige subsidieaanvragen, die aan de subsidievereisten genoemd in artikel 3 van deze subsidieregeling voldoen, het vastgestelde subsidieplafond genoemd in het artikel 5 lid 1 te boven gaan, maakt het college voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie, een afweging tussen de verschillende volledige aanvragen op basis van de volgende criteria:
De activiteit wordt uitgevoerd door twee of meer coalitiepartners, bij voorkeur uit verschillende werkvelden (wegingsfactor 3);
De activiteit is een erkende interventie, zoals opgenomen op loketgezondleven.nl van het RIVM of de databank effectieve interventies van het NJI (wegingsfactor 2);
De activiteit is een voortzetting van en/of bouwt voort op bestaande activiteiten (wegingsfactor 1);
De mate waarin de activiteit vernieuwend en innovatief is en een goede onderbouwing heeft waarom deze activiteit effectief zou kunnen zijn (wegingsfactor 1);
De mate waarin de activiteit een collectief karakter heeft (wegingsfactor 3);
Het rendement, dat wil zeggen de omvang, aard en het bereik, van de activiteit, verhoudt zich tot de opgevoerde kosten (wegingsfactor 2);
De mate waarin de activiteit gebruik maakt van de inzet van ervaringsdeskundigen en/of vrijwilligers (wegingsfactor 2).
**2..** Per criterium zoals genoemd in het eerste lid kunnen 0-4 punten worden gehaald, waarbij geldt: 0: onvoldoende, 1: matig, 2: voldoende, 3: goed, 4: uitstekend. De aanvragen worden gehonoreerd op basis van de rangschikking.
**3..** Indien er een gelijke totaalscore ontstaat, wordt van deze subsidieaanvragen de subsidieaanvraag met de meest behaalde punten op de criteria met de hoogste wegingsfactor aangemerkt als de hoogste in rangorde. De aanvraag kan worden geweigerd wanneer er niet minstens een voldoende behaald wordt.