Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3

Artikel 2.3.4

Onderscheid tussen Investeren of (groot) onderhoud

Onderdeel van Nota Investerings- en afschrijvingsbeleid 2023

Naast investeringen is er ook sprake van groot en klein onderhoud. Bij investeringen moet er sprake zijn van levensduurverlenging van het activum. De Commissie BBV heeft de stellige uitspraak gedaan dat kosten voor (klein en groot) onderhoud niet levensduur verlengend zijn. Dit betekent dat deze kosten op een andere wijze worden verwerkt in de exploitatie. Zoals staat beschreven in de notitie MVA gaat het bij klein onderhoud om dagelijkse reparaties die noodzakelijk zijn om het object in goede werkende en veilige staat te houden tegen een van tevoren vastgesteld kwaliteitsniveau. De kosten van klein onderhoud worden niet geactiveerd, maar moeten in het jaar van uitvoering ten laste van de exploitatie gebracht worden. Kosten voor groot onderhoud die niet leiden tot het verlengen van de levensduur of tot het verhogen van de waarde mogen net als klein onderhoud niet geactiveerd worden. Groot onderhoud ontstaat als gevolg van na een langere periode van gebruik slijtage en mag ten laste gebracht worden van een voorziening. In de notitie MVA (Onderhoud materiële vaste activa) wordt nader toegelicht wanneer er een voorziening mag worden gevormd. Achterstallig onderhoud kan ontstaan wanneer onderhoud niet tijdig volgens het onderhoudsplan wordt uitgevoerd. Het gevolg hiervan is dat een actief niet meer voldoet aan het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau of de wettelijke norm. De commissie BBV heeft de stellige uitspraak gedaan dat in geval van achterstallig onderhoud, waarbij sprake is van kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties, er op basis van artikel 44 lid 1a BBV een voorziening wordt gevormd. In de notitie MVA wordt nader toegelicht in welke gevallen sprake is van kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties waar een voorziening voor gevormd mag worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel