**1..** De raad bepaalt, na overleg met het college, de dag waarop de stemming over het raadgevend referendum wordt gehouden.
**2..** De dag van de stemming wordt in beginsel gecombineerd met de eerstvolgende dag van stemming voor:
een verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal;
een verkiezing voor de leden van provinciale staten van Utrecht;
een verkiezing voor de leden van het algemene bestuur van Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden of van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht;
een verkiezing voor de leden van de raad;
een verkiezing voor de leden van het Europees Parlement, of;
een ander raadgevend referendum op basis van deze verordening.
**3..** Indien in een jaar geen reguliere verkiezing wordt gehouden, wordt als de dag van stemming een dag aangewezen binnen een termijn die aanvangt vier maanden en eindigt na zes maanden na de dag waarop de voorzitter van het centraal stembureau het besluit heeft genomen tot toelating van het definitieve verzoek. Als dag van de stemming kan geen algemeen erkende feestdag of dag in juli of augustus worden aangewezen.
Hoofdstuk 3
Artikel 3:2
Datum stemming
Onderdeel van Verordening raadgevend referendum gemeente Utrecht