Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.2

Duur van de individuele voorziening

Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp Westervoort 2023

1.. De consulent beoordeelt de duur van de in te zetten voorziening. De duur is afhankelijk van meerdere factoren, waaronder: de jeugdhulpbehoefte van de cliënt en de veranderingen die zich daarin voor kunnen doen; de woonomstandigheden en de samenstelling van het huishouden van de cliënt en de veranderingen die zich daarin kunnen voordoen; de ontwikkeling van de cliënt. 2.. Ongeacht de duur van de voorziening kan de consulent periodiek of als er aanleiding voor is de ingezette pgb voorziening heroverwegen op grond van artikel 8.1.3. Dit betekent dat een voorziening in de vorm van een pgb aangepast kan worden (in zwaarte of in duur) indien dit nodig aan de hand van de jeugdhulpbehoefte van de cliënt. 3.. Indien wordt vastgesteld dat de cliënt leerbaar is, kan een getrapte indicatie worden afgegeven. Dit betekent dat de indicatieperiode wordt ingedeeld in één of meerdere perioden, waarbij een andere (hogere of lagere) hoeveelheid van de voorziening wordt toegekend. Bij leerbaarheid is meestal sprake van een afbouw van intensiteit, maar bij activerend werk kan juist sprake zijn van een opbouw van de intensiteit van de hulp. 4.. Bij tijdelijke afwezigheid (bijvoorbeeld als gevolg van een ziekenhuisopname, vakantie of verblijf in detentie) blijft de individuele voorziening van toepassing. De (pgb)aanbieder mag niet verleende zorg niet declareren. Zodra de cliënt weer thuis is hervat de (pgb)aanbieder de jeugdhulp en kan de jeugdhulp weer gedeclareerd worden bij de gemeente. De cliënt geeft afwezigheid langer dan vier (4) weken door aan het college.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel