Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.8

Inlichtingenplicht

Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Duiven 2023

1.. Een cliënt moet gegevens en documenten aanleveren die nodig zijn om een besluit te kunnen nemen. Het college mag geen gegevens of documenten vragen die niet relevant zijn voor het afhandelen van de aanvraag. 2.. Ook als een maatwerkvoorziening eenmaal is toegekend geldt een inlichtingenplicht. Dit houdt in dat de cliënt op een verzoek van het college of zo snel mogelijk uit eigen beweging mededeling moet doen van alle feiten en omstandigheden die aanleiding kunnen zijn voor het wijzigen van de voorziening. Concreet betekent dit dat een cliënt het college actief moet informeren over: een wijziging in zijn beperking(en) die van invloed is op het gebruik van de maatwerkvoorziening; het ontvangen van meer dan wel minder mantelzorg; een gewijzigde gezinssituatie in de gevallen waar er sprake is/kan zijn van gebruikelijke hulp; het niet ontvangen van (goede kwaliteit) ondersteuning; ondersteuning die wordt ingezet voor een ander doel dan waarvoor deze wordt verleend; ondersteuning die wordt gedeclareerd terwijl de ondersteuning niet (juist) is verleend; als de cliënt tijdelijk (langer dan vier (4) weken) geen gebruik kan maken van de voorziening door vakantie, detentie, behandeling in een instelling of opname in een ziekenhuis, verpleegtehuis of revalidatiecentrum; het wijzigen van zorgaanbieder; een verhuizing; verbetering in de gezondheidssituatie waardoor de voorziening niet langer of in mindere mate noodzakelijk is; het hebben van een Wlz indicatie (van zowel de cliënt of huisgenoot). 3.. Het niet of niet volledig nakomen van de inlichtingenplicht kan leiden tot intrekking of herziening van de maatwerkvoorziening. Het is dan ook belangrijk dat de cliënt op de hoogte is van de inlichtingenplicht en dat hij, als hij twijfelt of bepaalde informatie relevant is, hierover actief contact legt met de gemeente.

Rechtspraak bij dit artikel