Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4:

Artikel 21.

Proefplaats

Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Pijnacker-Nootdorp 2023

1.. Het college kan een uitkeringsgerechtigde toestemming verlenen om voor een periode van twee maanden op een proefplaats onbeloonde werkzaamheden te verrichten, indien: de proefplaats naar het oordeel van het college bijdraagt aan het vergroten van de kans op arbeidsinschakeling; de persoon, gelet op zijn vaardigheden en capaciteiten, tot de werkzaamheden in staat is; de werkzaamheden van de persoon niet al eerder onbeloond door hem bij die werkgever, of diens rechtsvoorganger, zijn verricht; en de werkgever bij aanvang van de proefplaats schriftelijk de intentie heeft uitgesproken dat hij de persoon, bij gebleken geschiktheid, direct aansluitend aan zijn proefplaatsing, voor minimaal zes maanden, zonder proeftijd, in dienst zal nemen. 2.. Het doel van een proefplaatsing is om de inschakeling van de persoon in arbeid bij een werkgever te bevorderen, waarbij de proefplaats voor een zo beperkt mogelijke duur wordt ingezet. 3.. Het college maakt geen gebruik van de wettelijke mogelijkheid de periode als bedoeld in het eerste lid, met maximaal vier maanden te verlengen. 4.. Het college weigert de proefplaats als redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de persoon ook zonder proefplaatsing kan worden aangenomen voor het werk. 5.. Indien de werkzaamheden op de proefplaats wegens ziekte worden onderbroken, dan wordt de periode van ziekte voor de toepassing van de maximale periode, als bedoeld in het eerste lid, buiten beschouwing gelaten.

Rechtspraak bij dit artikel