Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5:

Artikel 36.

Vervoersvoorziening voor personen met een arbeidsbeperking

Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Pijnacker-Nootdorp 2023

1.. Het college kan aan een persoon met een arbeidsbeperking, die niet in staat is zelfstandig van en naar zijn werkplek, voorziening of opleidingslocatie te reizen, een vervoersvoorziening toekennen, indien: de persoon niet zelfstandig kan reizen of gebruik kan maken van het openbaar vervoer; de noodzaak voor aangepast vervoer is vastgesteld door een (arbeids-)deskundige; geen aanspraak gemaakt kan worden op een voorliggende voorziening. 2.. De vervoersvoorziening wordt bij voorkeur verstrekt in de vorm van natura, door inzet van een passend vervoersmiddel (al dan niet groepsvervoer). 3.. Wanneer het bepaalde in het tweede lid geen uitkomst biedt kan een vergoeding in geld worden verstrekt. De hoogte van de vergoeding bedraagt maximaal het in de markt reguliere tarief voor een taxi of een andere vorm van vervoer. 4.. Tot een persoon als bedoeld in het eerste lid behoort tevens een leerling van het praktijkonderwijs of speciaal onderwijs waarvan wordt vermoed dat hij alleen in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft, indien: er sprake is van een stageovereenkomst voor tenminste 12 uur per week; de persoon niet in staat is zelfstandig van en naar zijn stageplek te reizen hij/zij dit naar het oordeel van school niet kan leren; geen aanspraak gemaakt kan maken op een voorliggende voorziening. 5.. Indien de persoon als bedoeld in het vierde lid nog niet zelfstandig kan reizen maar dit naar het oordeel van school wel kan leren kan het college een vergoeding voor de gemaakte reiskosten verstrekken: voor de kosten van begeleiding door ouders/ volwassenen wanneer (nog) geen gebruik kan worden gemaakt van de gratis OV begeleiderskaart; voor de kosten van OV/ fietsmaatje.

Rechtspraak bij dit artikel