Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. Van de Jeugdwet naar de uitvoering van de jeugdhulp in de praktijk.

Artikel 3.4 Effectmeting Meerjarenbeleidskader Jeugdhulp in de Kempen 2015-2019

Artikel 3.4 Effectmeting Meerjarenbeleidskader Jeugdhulp in de Kempen 2015-2019

Onderdeel van Verlenging Meerjarenbeleidskader Jeugdhulp in de Kempen 2020-2024

In 2018 heeft een effectmeting van het Meerjarenbeleidsplan jeugdhulp in de Kempen 2015-2019 plaatsgevonden. Deze meting van de maatschappelijk te bereiken effecten leidde tot de volgende conclusies: jeugdigen en hun ouders die in contact zijn gekomen met het CJG+ ervaren in meerderheid een toename van eigen kracht. In alle gemeenten heeft een toename van aanvragen en ondersteuning plaatsgevonden. In drie van de vier gemeenten is het percentage van jeugdhulp zonder verblijf (de ambulante ondersteuning) toegenomen. De hulpverlening van het CJG+ wordt in minder dan 1/3 van de gevallen binnen één jaar beëindigd. Gezinnen worden dus vaak langdurig ondersteund. De ontvangen Jeugdhulp wordt kwalitatief als goed beoordeeld. Dat geldt zowel voor de jeugdhulp van het CJG+ als de jeugdhulp van de specialisten. De jeugdhulp buiten de thuissituatie neemt in relatieve zin niet toe, in absolute zin nog wel. Door de stijging van de jeugdhulp staat de betaalbaarheid onder druk. Samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp behoeft met name op uitvoeringsniveau intensivering/bestendiging. Deze samenwerking is een belangrijke voorwaarde om snel en adequaat signalen te kunnen bespreken en de werkwijze af te stemmen. We zien veel overeenkomsten tussen de landelijke evaluatie ( paragraaf 3.1.) en de effectmeting van het beleidsplan jeugdhulp 2015-2019. We herkennen het beeld van transitie en transformatie zoals in de landelijke evaluatie beschreven. We zijn op de goede weg, niet alle landelijke punten gelden ook voor de Kempen, maar de feitelijk transformatie moet ook nog grotendeels plaatsvinden. Voor het bepalen van de speerpunten van ons beleid sluiten we aan bij het landelijke actieprogramma “Zorg voor de jeugd” en de zes daarin opgenomen actielijnen ( zie paragraaf 3.1.). Deze actielijnen vormen de kapstok om de resultaten van zowel de landelijke evaluatie als de resultaten van de vorige beleidsperiode in de Kempengemeenten te vertalen naar beleid voor de periode 2020-2024 (hoofdstuk 5 en 6 ). Dit beleid is vertaald in acht beslispunten die aan de raad worden voorgelegd.

Rechtspraak bij dit artikel